De rechtbank Oost-Brabant heeft op 12 maart 2025 uitspraak gedaan in een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van deelname aan de voortzetting van de verboden motorclub Bandidos. Verdachte werd aangehouden terwijl hij op een motor reed en kleding droeg met het logo en teksten van de motorclub, wat volgens de rechtbank een gedraging is die ten dienste staat aan het voortbestaan van de verboden organisatie.
De tenlastelegging betrof het rijden op de openbare weg te Eindhoven op 29 mei 2020, gekleed in herkenbare clubkleding. De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte hiermee de verboden organisatie voortzette. De civielrechtelijke verbodenverklaring van de motorclub en de jurisprudentie van de Hoge Raad vormden het juridische kader.
Hoewel het feit strafbaar is en verdachte daarvoor aansprakelijk is, werd geen straf opgelegd. Dit vanwege de overschrijding van de redelijke termijn sinds het eerste verhoor in mei 2020, de reeds opgelegde gevangenisstraf van acht jaar in een andere zaak, en het ontbreken van recidivegevaar. De rechtbank verklaarde verdachte schuldig zonder strafoplegging.