Uitspraak
vonnis
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
(een) hoeveelheid/hoeveelheden van een materiaal bevattende metamfetamine en/of amfetamine en/of MDMA en/of cocaïne, zijnde metamfetamine en/of amfetamine en/of MDMA en/of cocaïne (telkens) (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst 1, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet
De formele voorvragen.
Bewijs.
Bewijsmiddelen.
Bewijs- en vrijspraakoverwegingen.
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
ripdeal”gepleegd, waarbij de bewoner van die woning tweemaal met een vuurwapen is beschoten en daarbij ook gewond is geraakt. De rechtbank rekent dit alles verdachte zwaar aan.
Blijkens vaste jurisprudentie bedraagt de redelijke termijn van berechting een periode van 24 maanden. De termijn waarbinnen de berechting van verdachte zou moeten plaatsvinden is aangevangen op 24 mei 2022, de datum waarop verdachte – nadat hem de cautie was verleend – als verdachte is verhoord. Vanaf dat moment kon verdachte in redelijkheid
Beslag.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
eendaadse samenloop van:
en
3 jarenmet aftrek overeenkomstig artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafrecht;