Art. 56 RvArt. 125 RvArt. 225 RvVerordening (EU) nr 2020/1784
AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Beoordeling bevoegdheid rechtbank na overlijden eiser voor betekening dagvaarding
In deze civiele procedure vorderde Titanedge Securities Ltd dat de rechtbank zich onbevoegd zou verklaren vanwege het overlijden van de oorspronkelijke eiser vóór de betekening van de dagvaarding. De dagvaarding was op 14 oktober 2024 uitgebracht en betekend op 29 oktober 2024, terwijl de eiser reeds was overleden.
De rechtbank oordeelde dat de procedure aanhangig was op het moment van verzending van de dagvaarding aan de buitenlandse instantie, conform artikel 56 RvPro en de EU-verordening 2020/1784. De betekening aan Titanedge was niet bepalend voor het aanhangig zijn van de procedure. Omdat de erfgenamen zich inmiddels in de procedure hadden gesteld om de oorspronkelijke eiser te vervangen, waren zij als eisers aan te merken.
De rechtbank wees de vordering van Titanedge af en veroordeelde haar tot betaling van de proceskosten. De zaak werd verwezen naar de rol voor verdere behandeling, en verdere beslissingen werden aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich bevoegd en wijst de vordering van Titanedge af.
Uitspraak
RECHTBANK Oost-Brabant
Civiel recht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Zaaknummer: C/01/410870 / HA ZA 24-736
Vonnis in incident van 14 mei 2025
in de zaak van
1.mevrouw [eiseres 1]
te [plaats] ,
2. mevrouw [eiseres 2]
te [plaats] ,
3. mevrouw [eiseres 3]
te [plaats] ,
zijnde de rechtsopvolgers van wijlen de heer [erflater],
laatstelijk wonend te [plaats] ,
eisende partijen in de hoofdzaak,
verweersters in het incident
hierna te noemen: de erfgenamen,
advocaat: mr. M.A. Hupkes,
tegen
de rechtspersoon naar buitenlands recht
TITANEDGE SECURITIES LTD,
te Limassol (Cyprus),
gedaagde in de hoofdzaak,
eiseres in het incident,
hierna te noemen: Titanedge,
advocaat: mr. P. Katz.
1.De procedure
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 14 oktober 2024, uitgebracht op verzoek van [erflater] - de incidentele conclusie van Titanedge
- de conclusie van antwoord in incident van de erfgenamen
1.2.
Vervolgens is bepaald dat vonnis in het incident zal worden gewezen.
2.De beoordeling in het incident
2.1.
Titanedge vordert dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart, omdat de heer [erflater] (de oorspronkelijke eiser) is overleden (op [datum] 2024) voordat de dagvaarding aan haar (Titanedge) is betekend (op 29 oktober 2024).
2.2.
De rechtbank wijst de vordering af.
2.3.
De dagvaarding is bij leven van de oorspronkelijke eiser op 14 oktober 2024 uitgebracht door verzending van de dagvaarding door de gerechtsdeurwaarder aan de ontvangende instantie als bedoeld in artikel 56 RvPro en de Verordening (EU) nr 2020/1784 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2020 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of in handelszaken. Daarmee is vanwege het bepaalde in artikel 125 RvPro de procedure aanhangig. Voor het aanhangig zijn van de procedure is betekening van de dagvaarding aan Titanedge (op 29 oktober 2024) op grond van voornoemde verordening, anders dan Titanedge veronderstelt, niet bepalend.
In aanmerking nemende dat de oorspronkelijke eiser is overleden (op [datum] 2024) terwijl de procedure aanhangig was, geldt het bepaalde in artikel 225 RvPro. Schorsing van de procedure heeft niet plaatsgevonden en is ook niet aan de orde omdat de erfgenamen zich inmiddels bij conclusie van antwoord in incident in de procedure hebben gesteld om deze van de oorspronkelijke eiser over te nemen. De erfgenamen zullen daarom als eisers worden aangemerkt zoals in de kop van dit vonnis vermeld. Voor onbevoegdverklaring van de rechtbank vanwege het overlijden van de oorspronkelijke eiser zoals door Titanedge gevorderd, bestaat geen grond.
2.4.
Titanedge is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van de erfgenamen worden begroot op:
- salaris advocaat
€
614,00
(1 punt × € 614,00)
- nakosten
€
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
792,00
3.De beslissing
De rechtbank
in het incident
3.1.
wijst de vordering af,
3.2.
veroordeelt Titanedge in de proceskosten van € 792,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als Titanedge niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
3.3.
verklaart dit vonnis, wat betreft het bepaalde in r.o. 3.2. uitvoerbaar bij voorraad,
in de hoofdzaak
3.4.
verwijst de zaak naar de rol van woensdag 25 juni 2025voor conclusie van antwoord aan de zijde van Titanedge,
3.5.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.J.C. Adang en in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2025.