Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
Bewijs.
- [persoon] , geboren [1969] te [geboorteplaats 2] ;
- [verdachte] , geboren [1996] te ' [geboorteplaats 1] .
Rechtbank Oost-Brabant
De rechtbank Oost-Brabant heeft verdachte integraal vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten van medeplegen van productie, aanwezigheid en voorbereiding van amfetaminehandel en deelname aan een criminele organisatie.
De tenlastelegging betrof onder meer het gebruik van een ANØM-account dat door de politie aan verdachte werd toegeschreven, en activiteiten rondom de productie en handel van grote hoeveelheden amfetamine in de periode april tot mei 2021.
De rechtbank oordeelde dat de door de politie verzamelde gegevens, waaronder chatberichten, mastlocaties en GPS-gegevens, onvoldoende onderscheidend waren om verdachte met voldoende zekerheid te identificeren als gebruiker van het ANØM-account. Ook de overeenkomsten in achtergrond en contacten met een medeverdachte waren niet voldoende bewijs.
Daarmee kon niet wettig en overtuigend worden bewezen dat verdachte betrokken was bij de drugsmisdrijven. De rechtbank sprak verdachte daarom vrij van alle ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is integraal vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid bij productie en handel in amfetamine.