Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Parketnummer vordering: 01.845606.18
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
en/of
althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;
De vordering na voorwaardelijke veroordeling.
De formele voorvragen.
Beoordeling van het bewijs
Verder is gebleken dat medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] gebruik maakten van een witte Audi A1 met het kenteken [kenteken] . In deze auto is apparatuur geplaatst voor het opnemen van vertrouwelijke communicatie (OVC). Tevens is de Audi voorzien van een zogenaamd peilbaken.
.Deze geweldshandelingen leiden tot een bewezenverklaring van een poging doodslag van beide ex-partners.
bewogentot het bevoordelen van verdachte en/of medeverdachte [medeverdachte 1] uit de opbrengst van haar prostitutieactiviteiten.
[slachtoffer 2] : Als je echt zoveel spijt had van vorige keer had je me nooit nog eens geslagen
0 bewegingsbeperking nek
0 Aangezicht: onderste ooglid li een kleine hematoom
0 alhier drukpijnlijk
0 Neus gezwollen, geen septumhematoom, drukpijnlijk
E verwondingen aangezicht”
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
pro justitiarapportages die in het kader van de openstaande zaak met parketnummer 01/160542-24 omtrent de persoon van verdachte zijn opgemaakt. Op basis van deze rapportages stelt het Openbaar Ministerie vast dat aan de criteria voor het opleggen van een maatregel van terbeschikkingstelling wordt voldaan. Derhalve heeft het Openbaar Ministerie tevens gevorderd om aan verdachte de ongemaximeerde maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege op te leggen.
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] .
Motivering van de hoofdelijkheid.
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] .
Beslag.
Motivering van de beslissing na voorwaardelijke veroordeling 01.845606.18.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
feit 2 primair, feit 3, feit 4, feit 5 eerste cumulatief/alternatief en feit 8 eerste cumulatief/alternatieften laste is gelegd
en spreekt hem daarvan vrij;
en
mishandeling
en
bedreiging met verkrachting
en
bedreiging met brandstichting;
27 maandenmet aftrek overeenkomstig artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafrecht;
€ 3000,-bestaande uit immateriële schadevergoeding;
€ 750,00 hoofdelijkaansprakelijk is;
€ 1500,00bestaande uit immateriële schadevergoeding;
verklaart verbeurd het inbeslaggenomen voorwerp, te weten:
gelast de teruggave van de inbeslaggenomen voorwerpen:
1 maand.