Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
in elk geval (telkens) enig geldbedrag, hierin bestaande dat verdachte en/of haar mededader(s) met vorenomschreven oogmerk – zakelijk weergegeven – opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid
waardoor voornoemde [slachtoffer 8] en/of [slachtoffer 9] en/of [slachtoffer 10] en/of [slachtoffer 11] (telkens) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgiftes en het aangaan van een schuld;
en/of
De formele voorvragen.
Beoordeling van het bewijs
Verder is gebleken dat verdachte samen met medeverdachte [medeverdachte 2] gebruik maakte van een witte Audi A1 met het kenteken [kenteken 2] . In deze auto is apparatuur geplaatst voor het opnemen van vertrouwelijke communicatie (OVC). Tevens is de Audi voorzien van een zogenaamd peilbaken.
[verdachte] , after ik ga weg, ik ben ziek, die man maken mij gek ook”
.
Sessie 54, datum 4-11-2021 te 22.42 uur
Sessie 55, datum 4-11-2021 te 23.12 uur
Sessie 76, datum 5-11-2021 te 12.21 uur
Sessie 433 datum 15-11-2021 te 15.13 uur
Sessie 472 datum. 16-11-2021 te 01.00 uur
ook wel [alias slachtoffer 7] genoemd) en daarmee dus ook geen wetenschap had van de omstandigheid dat (mogelijk) door anderen van haar kwetsbaarheid misbruik werkt gemaakt. De rechtbank overweegt daartoe als volgt.
Ook wordt door de bewijsmiddelen niet weerlegd dat verdachte BKR geregistreerd was en dat haar kinderen geen schoenen hadden.
de rechtbank begrijpt: [slachtoffer 9] )gaat id vragen en verdachte zegt daarna: “jij hebt schuld van 11. 12000 euro”.
(de rechtbank begrijpt: [slachtoffer 10]) heeft [verdachte] € 1.000,00 gegeven en benzinegeld. Geld is ook voor een tv die kapot is. [verdachte] wil een nieuwe kopen want dan heeft ze ook garantie.” (proces-verbaal pag. 2-3979, tapgesprek met sessienummer 98801)
De bewezenverklaring.
€ 7.710,13, hierin bestaande dat verdachte en/of haar mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven – opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid
waardoor voornoemde [slachtoffer 9] telkens werd bewogen tot bovenomschreven afgiftes en het aangaan van een schuld;
en
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
(de rechtbank begrijpt: medeverdachte [slachtoffer 1 & medeverdachte 1]) had.
Na een lange tijd van hulp en ondersteuning kon in oktober 2024 de ondersteuning door Helderzorg helemaal worden afgesloten.
Recentelijk is ook de ondertoezichtstelling van de kinderen van verdachte die uit huis geplaatst zijn, gestopt. Wel blijven deze kinderen nog bij de pleegouders. Verdachte geeft hierover aan dat zij het liefst alle kinderen weer thuis heeft, maar dat zij emotioneel hier nog niet toe in staat is. Zij ziet alle kinderen echter regelmatig waarbij er sprake is van contactgroei. Verdachte heeft volgens de reclassering de afgelopen 3,5 jaar laten zien dat zij haar rol als moeder en de bijbehorende verantwoordelijkheden serieus heeft genomen.
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] .
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 8] .
De vordering van de benadeelde partij [zoon slachtoffer 9] .
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 10] .
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
en
oplichting, meermalen gepleegd;
225 dagenmet aftrek overeenkomstig artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafrecht waarvan
180 dagen voorwaardelijken een proeftijd van
2 jaren;
240 urensubsidiair 120 dagen hechtenis;
180 urensubsidiair 90 dagen hechtenis;