Uitspraak
RECHTBANK Oost-Brabant
1.[verweerder 1] B.V.,
ALLIANZ BENELUX N.V.,
3.3. VW INFRA B.V.,
[verweerder 4] S.E.,
Rechtbank Oost-Brabant
Op 15 april 2024 is verzoekster gevallen in een gat dat was gegraven voor werkzaamheden aan gasleidingen bij een woning, waarbij zij ernstig letsel opliep. Zij stelde de aannemer en onderaannemer aansprakelijk voor haar letselschade en verzocht de rechtbank om een deelbeslissing over hun aansprakelijkheid.
De rechtbank oordeelt dat de zaak zich niet leent voor behandeling in een deelgeschilprocedure omdat er nog bewijslevering nodig is over de precieze omstandigheden en communicatie voorafgaand aan de val. De verklaringen van partijen lopen uiteen en videobeelden bieden onvoldoende duidelijkheid. Bovendien zijn met de onderaannemer nog geen onderhandelingen gevoerd, waardoor het verzoek prematuur is.
De rechtbank stelt vast dat de werkzaamheden door de onderaannemer zijn uitgevoerd in opdracht van de aannemer en dat zij als een eenheid van onderneming kunnen worden beschouwd, zodat de aannemer onder voorwaarden aansprakelijk kan zijn. De kosten van de deelgeschilprocedure worden begroot op €4.603,40, maar verweerders worden niet veroordeeld tot vergoeding omdat hun aansprakelijkheid nog niet is vastgesteld.
Het verzoek wordt afgewezen en de procedurekosten worden vastgesteld zonder veroordeling tot vergoeding.
Uitkomst: Verzoek tot deelbeslissing wordt afgewezen wegens noodzaak van bewijslevering en prematuriteit van het verzoek.