ECLI:NL:RBOBR:2025:4489
Rechtbank Oost-Brabant
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afkondiging afkoelingsperiode in besloten WHOA-akkoordprocedure voor gecontroleerde afwikkeling
Verzoekster B.V. heeft een verzoek ingediend tot afkondiging van een afkoelingsperiode ex artikel 376 Faillissementswet Pro in het kader van een besloten akkoordprocedure (WHOA). De afkoelingsperiode van drie maanden is bedoeld om de onderneming gecontroleerd af te wikkelen zonder faillissement en om een akkoord aan schuldeisers aan te bieden.
Verzoekster heeft haar onderneming af te wikkelen en beschikt over een banksaldo van €130.000,- na gedwongen verkoop van onroerende zaken. Zij wil dit saldo onder haar schuldeisers verdelen via een akkoord, waarbij de directeur en enig aandeelhouder afstand doet van haar vordering buiten het akkoord om een hogere uitkering aan overige schuldeisers te realiseren. Tevens is een derde bereid €90.000,- beschikbaar te stellen ter verbetering van het akkoord.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de afkoelingsperiode noodzakelijk is voor de voortzetting van de onderhandelingen en afwikkeling, dat de belangen van de gezamenlijke schuldeisers hiermee gediend zijn en dat de belangen van derden, waaronder Engie, niet wezenlijk worden geschaad. Daarom wordt een afkoelingsperiode van drie maanden afgekondigd, ingaande 16 juni 2025, waarbij het faillissementsverzoek van Engie wordt geschorst. Een algemene afkoelingsperiode wordt niet toegewezen wegens het ontbreken van verhaalsacties door andere schuldeisers.
Uitkomst: De rechtbank kondigt een afkoelingsperiode van drie maanden af waarmee het faillissementsverzoek van Engie wordt geschorst.