Eiser is eigenaar van een perceel waarop meerdere overtredingen van het omgevingsplan zijn geconstateerd, waaronder het plaatsen van zeecontainers, minicontainers, zandwallen, oppervlakteverharding en overkappingen buiten het bouwvlak. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eersel legde eiser lasten onder dwangsom op om deze overtredingen te beëindigen. Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het besluit, met een verzoek om voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat het overgangsrecht van toepassing is, omdat de overtredingen niet bestonden op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en bovendien ook onder het vorige bestemmingsplan niet waren toegestaan. Daarnaast faalt het beroep op het gelijkheidsbeginsel, omdat het college handhavend optreedt tegen vergelijkbare overtredingen op het naastgelegen perceel en het verschil in behandeling verklaarbaar is door het indienen van een handhavingsverzoek door eiser.
Ook het betoog dat het besluit onzorgvuldig is genomen, wordt verworpen omdat het college de fout in het primaire besluit heeft hersteld door de last onder dwangsom voor de oppervlakteverharding binnen de bestemming "Bedrijf-2" te herroepen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen. De begunstigingstermijn voor het voldoen aan de last onder dwangsom wordt verlengd tot zes weken na verzending van de uitspraak.