Uitspraak
datum : 21 augustus 2025
beschikking op een verzoek tot opheffing van curatele
[naam betrokkene] ,
procedure
- het verzoek, ontvangen op 20 mei 2025;
- de schriftelijke reacties van de bewindvoerder, ontvangen op 6 juni 2025 en
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
Betrokkene heeft bij de rechtbank Oost-Brabant een verzoek ingediend tot opheffing van zijn curatele, stellende dat hij zijn financiële zaken zelf kan regelen en de kosten van de curator te hoog zijn. De curator heeft zowel schriftelijk als tijdens de zitting aangegeven dat het niet verantwoord is om de curatele op te heffen of de beschermingsmaatregel aan te passen.
Tijdens de mondelinge behandeling op 12 augustus 2025 zijn betrokkene en de curator verschenen. Betrokkene gaf aan zelfstandig te willen wonen buiten Europa, gefinancierd door het buitenaardse, maar uit de stukken en het verhandelde blijkt dat hij zeer kwetsbaar is en dat er een zorgmachtiging loopt. De kantonrechter constateert dat betrokkene de bescherming van de curator nog nodig heeft.
De kantonrechter wijst het verzoek tot opheffing van de curatele af en adviseert betrokkene samen met de curator te onderzoeken of een minder ingrijpende beschermingsmaatregel mogelijk is. Tegen deze beschikking kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van de curatele wordt afgewezen omdat betrokkene nog bescherming nodig heeft.