Op 21 maart 2023 vond een dodelijk arbeidsongeval plaats bij de verdachte, waarbij een werknemer viel van een schaarlift met gebreken. Na een maand intensive care is het slachtoffer op 22 april 2023 overleden.
De rechtbank stelde vast dat de schaarlift onvoldoende veiligheidsvoorzieningen had en dat verdachte als werkgever naliet de zorgplicht na te komen. Dit leidde tot een onveilige werkomgeving en het valgevaar werd onvoldoende tegengegaan. Verdachte wist of moest redelijkerwijs weten dat hierdoor levensgevaar ontstond.
De verdediging betwistte deels de vaststellingen, maar erkende de gebreken aan de schaarlift. De rechtbank oordeelde dat het nalaten van onderhoud en veiligheidsmaatregelen verwijtbaar en vermijdbaar was, en dat er een causaal verband bestond tussen dit nalaten en het overlijden van het slachtoffer.
De rechtbank verklaarde verdachte strafbaar voor dood door schuld en overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet, en legde een geldboete van €75.000 op, rekening houdend met de ernst van het feit, het blanco strafblad en de genomen verbetermaatregelen.