Op 15 juni 2024 heeft verdachte te Uden opzettelijk een ontploffing veroorzaakt door vuurwerk en/of een explosief aan een fles met brandbare vloeistof bij de voordeur van een woning te ontsteken. Dit leidde tot brand en materiële schade, waarbij sprake was van gemeen gevaar voor de woning, de inboedel en een aanwezige hond.
Verdachte heeft het feit bekend en er is wettig en overtuigend bewijs geleverd, waaronder proces-verbalen en getuigenverklaringen. De rechtbank acht de strafbaarheid van verdachte onbetwist en wijst vrijspraak toe voor hetgeen niet bewezen is verklaard.
De rechtbank heeft rekening gehouden met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder zijn verleden met middelengebruik en schulden, en het reclasseringsrapport dat een positieve gedragsverandering signaleert. De opgelegde straf bestaat uit 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden en een proeftijd van 2 jaar.
De bijzondere voorwaarden omvatten onder meer meldplicht bij de verslavingsreclassering, behandeling, beschermd wonen, werk zoeken, financiële transparantie, middelencontrole en ambulante begeleiding. Deze voorwaarden zijn bedoeld om recidive te voorkomen en stabiliteit in het leven van verdachte te bevorderen.
De straf wordt verminderd met de tijd die verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Oost-Brabant op 22 augustus 2025.