ECLI:NL:RBOBR:2025:630
Rechtbank Oost-Brabant
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter bij behandeling sloopvergunning
Verzoekster had beroep ingesteld tegen een verleende sloopvergunning en diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die als voorzitter optrad tijdens de mondelinge behandeling. Het wrakingsverzoek betrof onder meer het niet reageren op het ontbreken van stukken over Flora- en Faunawetgeving en het weigeren van een aangepaste pleitnota.
De wrakingskamer oordeelde dat de beslissingen van de rechter over ontvangst en indiening van stukken en het niet toelaten van de pleitnota als rechterlijke tussenbeslissingen moeten worden aangemerkt. Zulke beslissingen kunnen geen grond voor wraking vormen. Tevens werd een heimelijk gemaakte audio-opname van de zitting niet toegelaten wegens strijd met de goede procesorde.
De wrakingskamer stelde vast dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die wijzen op vooringenomenheid van de rechter. Het procesreglement biedt ruimte om laat ingebrachte stukken alsnog te betrekken, mits partijen gelegenheid krijgen te reageren, wat hier is gevolgd.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en is tegen deze beslissing geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens het ontbreken van gegronde aanwijzingen voor vooringenomenheid.