Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
De bewijsvraag.
Uit een lopend opsporingsonderzoek is gebleken dat de loods aan de [adres] te Giessenburg vermoedelijk wordt gebruikt bij de vervaardiging van synthetische drugs. Hierop werd het politieonderzoek 26Alvorada gestart.
Bevindingen onderzoek van de bij verdachte in gebruik zijnde telefoon.
DNA hits in het laboratorium.
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van het feit en van verdachte.
Oplegging van straf.
know-howover het productieproces – verdachte was nota bene de enige ‘die weet hoe het gedaan moet worden’. Verdachte was, kortom, laborant of, anders gezegd: de chefkok.
crystal meth-labs op. De ontdekking van een synthetisch drugslab gaat gepaard met onrust en een gevoel van onveiligheid voor de samenleving. Bovendien: dergelijke drugslabs kúnnen leiden tot (zware) vormen van ondermijning, zijnde weliswaar een containerbegrip, maar in dit geval doelend op de verwevenheid tussen de onder- en bovenwereld, binnen de Nederlandse samenleving – waarvan de tentakels zich ook over het buitenland verspreiden. Verdachte heeft voor dit alles geen oog gehad en zijn eigen belangen laten prevaleren. Daarbovenop hulde hij zich gedurende het procesverloop aanvankelijk in zwijgen; ook ten overstaan van de rechtbank werd er op essentiële punten het zwijgen toegedaan.