Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 31 oktober 2025 in de zaak tussen
[eiseres], uit [woonplaats], eiseres
[naam], de derde-partij.
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
De aanvraag
Het geschil
Het college heeft tijdens de zitting verder laten weten dat de verbeurde dwangsommen aan eiseres zijn betaald
.
Het perceel is in verband daarmee getaxeerd.
Het feit dat de makelaar/taxateur achteraf gedeeltelijk afstand neemt van de taxatie, doet niet af aan wat in het taxatierapport staat en dat de WEV die daarbij is vastgesteld, de basis is geweest voor de belastingaanslag. De rechtbank houdt het, gehoord de toelichting van de makelaar/taxateur tijdens de zitting, ervoor dat hij en de taxateur van de Belastingdienst van mening verschilden over de waardering van het perceel, maar dat uiteindelijk voor een waarde is gekozen die nog het meest lijkt op een bouwgrondwaarde. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de makelaar/taxateur in de toelichting en tijdens de zitting heeft laten weten dat de taxateur van de Belastingdienst er op stond dat het perceel werd getaxeerd als bouwgrond, waarbij deze taxateur is afgegaan op de mededeling van de ambtenaar die destijds in dienst van de gemeente was. Deze uitleg van de gang van zaken sluit aan op het taxatierapport. Dat, naar gesteld, de ambtenaar van de gemeente de mededeling heeft gedaan omdat het voorkeursrecht was gevestigd, valt niet te herleiden tot het taxatierapport en maakt alleen al daarom niet dat de WEV in het taxatierapport mede op de vestiging van het voorkeursrecht is gebaseerd.