Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
Inleiding.
Het standpunt van de officier van justitie.
Het standpunt van de verdediging.
Feit 1.
Feit 2.
DE UITSPRAAK
spreektverdachte daarvan
vrij.
Rechtbank Oost-Brabant
Op 25 november 2020 werd in een woning te ’s-Hertogenbosch een hennepkwekerij met 694 planten aangetroffen, evenals illegale aftapping van elektriciteit. Drie verdachten stonden terecht: twee bewoners werden vrijgesproken van betrokkenheid bij de kwekerij en elektriciteitsdiefstal. De eigenaar van de woning werd veroordeeld voor aanwezigheid van hennepplanten en diefstal van elektriciteit.
De rechtbank oordeelde dat verdachte wel wist van de hennepkwekerij en financieel profiteerde, maar geen feitelijke beschikkingsmacht had over de hennepplanten, waardoor medeplichtigheid niet bewezen kon worden. Voor het tweede feit, elektriciteitsdiefstal, was onvoldoende bewijs van toegang of wetenschap van verdachte.
De rechtbank legde aan de eigenaar een taakstraf van 120 uur op wegens aanwezigheid van hennep en diefstal van elektriciteit. Er was sprake van een ernstige schending van de redelijke termijn. De uitspraak vond plaats op 4 november 2025 na een zitting op 21 oktober 2025.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 120 uur taakstraf voor hennepkwekerij en elektriciteitsdiefstal; twee medeverdachten vrijgesproken.