Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De tenlastelegging.
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 1] , met factuurnummer 511, d.d. 1 mei 2018 voor een bedrag van 1.250,00 euro (DOC-021-34, pag. 4438/4980) en/of
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 2] , met factuurnummer 614, d.d. 1 juli 2018 voor een bedrag van 1.250,00 euro (DOC-021-60, pag. 4464/4980) en/of
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 3] (cursistnummer 1851), met factuurnummer 2399, d.d. 10 december 2018 voor een bedrag van 1.250,00 euro (AMB-045-02, pag. 1623 en 1624/4980) en/of
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 4] (cursistnummer 1813), met factuurnummer 2589, d.d. 1 april 2019 voor een bedrag van 1.249,50 euro (AMB-045-02, pag. 1625 en 1626/4980) en/of
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 5] (leerlingnummer 3216), met factuurnummer TH3248P1 d.d. 15 oktober 2019 voor een bedrag van 1.249,92 euro (DOC-027-35, pag. 4871/4980 en Bijlage 3b bij AMB-054-08, pag. 2014/4980) en/of
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 6] (leerlingnummer 3486), met factuurnummer TH3526P1 d.d. 12 december 2019 voor een bedrag van 1.249,92 euro (DOC-023-106, pag. 4573/4980 en Bijlage 1b bij AMB-054-09, pag. 2031/4980),
2.De formele voorvragen.
3.De beoordeling van de tenlastegelegde feiten.
Het systeem van bekostiging van inburgeringscursussen ten tijde van de tenlastegelegde feiten.
Het bestuur van [Bedrijf 1] .
Beoordeling feit 1. Heeft [Bedrijf 1] zich (telkens) schuldig gemaakt aan valsheid in geschrifte?
“(…)het aantal leerlingen wat ik op mijn lijst had, heb ik nooit op mijn scherm gehad. Dat klopte helemaal niet. Stel ik had een klas met 12 mensen dan zaten er zo vier a vijf cursisten niet in.”[docent 3] verklaarde dat zij de aanwezigheid niet hoefde te registreren vanuit [Bedrijf 1] . [docent 4] verklaarde dat hij voor de ONA-cursussen helemaal geen aanwezigheid heeft bijgehouden omdat dit van [Bedrijf 1] niet hoefde. [docent 5] verklaarde hij dat hij maar één keer een presentielijst had gekregen en de aan- of afwezigheid verder niet hoefde door te geven. [Docent 6] verklaarde dat zij, als haar in oktober gevraagd werd om een presentielijst bij te houden zij deze lijst pas in november kreeg en dat [Bedrijf 1] in het begin helemaal niet vroeg om presentielijsten. Daarnaast verklaarde zij dat zij een aan haar getoonde deelnemerslijst niet herkende, dat zij überhaupt geen ONA-cursussen heeft gegeven en dat ze ook nooit zoveel mensen in één klas heeft gehad als op de getoonde deelnemerslijst staan. 46 cursisten in één klas is volgens haar ook niet mogelijk.
Tussenconclusie feit 1: valsheid in geschrifte
Beoordeling feit 2. Heeft [Bedrijf 1] zich schuldig gemaakt aan (gewoonte)witwassen?
Frauduleus handelen heeft geleid tot valse facturering bij de DUO bij de door verbalisanten onderzochte cursussen
Extrapolatie vanaf de onderzochte cursussen naar het overige onderwijs binnen [Bedrijf 1]
Vermenging
4.De bewezenverklaring.
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 1] , met factuurnummer 511, d.d. 1 mei 2018 voor een bedrag van 1.250,00 euro en,
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 2] , met factuurnummer 614, d.d. 1 juli 2018 voor een bedrag van 1.250,00 euro en,
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 3] (cursistnummer 1851), met factuurnummer 2399, d.d. 10 december 2018 voor een bedrag van 1.250,00 euro en,
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [cursist 6] (cursistnummer 1813), met factuurnummer 2589, d.d. 1 april 2019 voor een bedrag van 1.249,50 euro en
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [cursist 2] (leerlingnummer 3216), met factuurnummer TH3248P1 d.d. 15 oktober 2019 voor een bedrag van 1.249,92 euro en,
- De factuur van [Bedrijf 1] ten behoeve van [klant 6] (leerlingnummer 3486), met factuurnummer TH3526P1 d.d. 12 december 2019 voor een bedrag van 1.249,92 euro,
5.De strafbaarheid van het feit.
6.De strafbaarheid van verdachte.
7.De oplegging van straf.
8.De toepasselijke wetsartikelen.
9.DE UITSPRAAK
verklaarthet tenlastegelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven;
verklaartniet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt haar daarvan vrij;
verklaartdat het bewezenverklaarde oplevert de misdrijven:
verklaartverdachte hiervoor strafbaar en
legt opde volgende straf: