Op 5 november 2025 heeft de Rechtbank Oost-Brabant een geheimhoudingsbeslissing genomen in de zaak SHE 25/2450. Deze beslissing betreft een beroep tegen de beslissing van de korpschef van de politie Noord-Holland om een bepaalde afbeelding niet te verstrekken op grond van de Wet politiegegevens (Wpg). De korpschef had in een brief van 29 oktober 2025 meegedeeld dat de afbeelding uitsluitend door de rechtbank mocht worden ingezien, en niet door de eiseres. De rechtbank moest afwegen of de mededeling van beperkte kennisneming gerechtvaardigd was, waarbij het belang van gelijke toegang tot informatie voor partijen tegenover het algemeen belang en de belangen van derden werd geplaatst. De rechtbank oordeelde dat het verstrekken van de afbeelding aan de eiseres de procedure zinloos zou maken, omdat het de beoordeling van de rechtmatigheid van de weigering van inzage zou beïnvloeden. De rechtbank heeft de korpschef in het gelijk gesteld en eiseres de gelegenheid gegeven om binnen twee weken te reageren op de beslissing. De uitspraak is openbaar gemaakt en een afschrift is naar de betrokken partijen verzonden.