Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
Het bewijs.
- Het proces-verbaal terechtzitting, inhoudende de verklaring van verdachte, afgelegd op de zitting van 1 december 2025;
- Een proces-verbaal aanrijding misdrijf, inhoudende het relaas van verbalisant [verbalisant 1] , opgemaakt, afgesloten en ondertekend op 23 maart 2025, p. 2-8 van voornoemd einddossier;
- Een proces-verbaal forensisch onderzoek, inhoudende het relaas van verbalisanten [verbalisant 2] , [verbalisant 3] en [verbalisant 4] , opgemaakt, afgesloten en ondertekend op 6 maart 2025 , p. 9-38 van voornoemd einddossier;
- Een proces-verbaal van verhoor getuige, inhoudende de verklaring van [slachtoffer] , afgelegd op 15 oktober 2024, p. 57-61 van voornoemd einddossier;
- Een proces-verbaal van verhoor getuige, inhoudende de verklaring van [getuige] , afgelegd op 18 september 2024, p. 65-66 van voornoemd einddossier;
- Een geschrift, zijnde de geneeskundige verklaring van [slachtoffer] , ingevuld en ondertekend door G. Zemack op 25 oktober 2024.
Verdachte reed op dat moment tussen de 76 en 83 kilometer per uur, de ter plaatse maximaal toegestane snelheid bedroeg 60 kilometer per uur.
De personenauto van verdachte en de motor met daarop [slachtoffer] kwamen frontaal met elkaar in botsing, waarbij de linkervoorzijde van de personenauto van verdachte de motor van [slachtoffer] raakte.
Daarnaast betrekt de rechtbank in haar beoordeling dat verdachte de inhaalmanoeuvre inzette op een plek waar de Diepveldenweg een lichte S-bocht vertoonde, als gevolg waarvan het zicht op de weghelft voor tegemoetkomend verkeer verminderd was.
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
overtreding van artikel 6 van Pro de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht.
- een
- een