De rechtbank Oost-Brabant heeft op 12 december 2025 uitspraak gedaan over een vordering van het Openbaar Ministerie tot onttrekking aan het verkeer van diverse chemicaliën, reactievaten en analyseapparatuur die in een loods zijn aangetroffen. Uit het onderzoek bleek dat de locatie diende als productielocatie voor nieuwe psychoactieve stoffen (NPS) en niet als onderzoekslocatie. De stoffen kunnen in combinatie leiden tot de productie van DMT, een stof die op lijst 1 van de Opiumwet staat, of andere NPS met gezondheidsrisico's.
De rechtbank stelde vast dat de chemicaliën en apparatuur toebehoren aan de beslagene en dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet en het algemeen belang. Er was geen registratie of vergunning voor de activiteiten, en de betrokken personen stonden niet ingeschreven bij de Kamer van Koophandel of de Gemeentelijke Basis Administratie. De rechtbank concludeerde dat de vordering tot onttrekking aan het verkeer terecht was.
De officier van justitie had de vordering schriftelijk en onderbouwd ingediend, en de raadkamer heeft de vordering behandeld in aanwezigheid van de waarnemend raadsvrouw en de officier van justitie. De beslagene was niet verschenen. De rechtbank wees de vordering toe en bepaalde dat de genoemde goederen aan het verkeer worden onttrokken.