Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
20 november 2025. Hiervan zijn aantekeningen gemaakt. Tijdens deze behandeling zijn via videobellen gehoord:
2.Waar gaat het over?
- [minderjarige 1], geboren op [datum];
- [minderjarige 2], geboren op [datum];
- [minderjarige 3], geboren op [datum].
3.De beoordeling
€ 100 per kind per maand aan de moeder moet betalen. De rechtbank legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt. Daarbij gaat zij in op de standpunten van partijen, voor zover die voor de beoordeling van belang zijn. De berekening die de rechtbank heeft gemaakt, is als bijlage aan deze beschikking toegevoegd. Bij de berekening rondt de rechtbank af op hele euro’s.
€ 47,56 bruto, een WIA-premie van € 15,04 bruto en een premie Whk van € 3,04 netto. In tegenstelling tot partijen houdt de rechtbank geen rekening met de inkomensafhankelijke combinatiekorting, omdat de vader daar geen recht op heeft. Het NBI van de vader is dan € 2.966. [5]
€ 177 per maand is er, ook zonder rekening te houden met een aflossing aan schulden aan de zijde van de vader, al een groot tekort om in de behoefte van de kinderen (€ 1.206) te voorzien. Rekening houdend met alle belangen die hier spelen en het gegeven dat de vader deels in de kosten van de kinderen voldoet op de momenten dat zij bij hem verblijven, zal de rechtbank de bijdrage van de vader in redelijkheid verlagen naar € 300 (€ 100 per kind) per maand. Dat betekent dat de vader ook ruimte houdt om (in maandelijkse termijnen) zijn schuld aan de ABN-AMRO af te gaan lossen. De rechtbank merkt daarbij op dat het aan de vader is om de bewindvoerder van de moeder actief op de hoogte te houden van de afspraken die de vader daaromtrent maakt met de ABN-AMRO.