ECLI:NL:RBOBR:2025:8888

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
12 december 2025
Publicatiedatum
9 januari 2026
Zaaknummer
25-018673
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 552f SvArt. 36d SrArt. 38 lid 1 Geneesmiddelenwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Onttrekking aan het verkeer van chemicaliën voor productie psychoactieve stoffen

De rechtbank Oost-Brabant heeft op 12 december 2025 uitspraak gedaan over de vordering van het Openbaar Ministerie tot onttrekking aan het verkeer van diverse chemicaliën, reactievaten en analyseapparatuur die in een loods in Sittard waren aangetroffen. Uit het onderzoek bleek dat het niet ging om een onderzoekslocatie, maar om een productielocatie voor nieuwe psychoactieve stoffen (NPS), waaronder stoffen die kunnen leiden tot de productie van DMT, een stof geplaatst op lijst 1 van de Opiumwet.

De rechtbank stelde vast dat de inbeslaggenomen goederen toebehoren aan de beslagene en dat het ongecontroleerde bezit ervan in strijd is met de wet en het algemeen belang. De locatie was niet geregistreerd bij de Kamer van Koophandel of de Gemeentelijke Basis Administratie, en er was geen vergunning voor de bedrijfsactiviteiten. Daarnaast werd een grote hoeveelheid Tramadol aangetroffen, waarvoor de beslagene strafrechtelijk wordt vervolgd.

Gelet op de aard van de stoffen, de risico’s voor de volksgezondheid en het ontbreken van wettelijke registratie, concludeerde de rechtbank dat de vordering tot onttrekking aan het verkeer toewijsbaar is. De raadkamer wees de vordering van het Openbaar Ministerie toe en bepaalde dat de goederen onttrokken worden aan het verkeer.

Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot onttrekking aan het verkeer van de chemicaliën en apparatuur toe.

Uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
parketnummer : 71-024419-25
raadkamernummer : 25-018673
datum : 12 december 2025
Beslissing van de meervoudige raadkamer op de vordering van de officier van justitie als bedoeld in artikel 552f van het Wetboek van Strafvordering strekkende tot onttrekking aan het verkeer van de volgende goederen:
-3x blauwe vaten met inhoud 2-Fluor-Ketamine
-2x doos met opschrift Phenylhydrazine HCL
-5x doos met opschrift Methoxyphenylhydrazine
-2x vaatje met opschrift 4.4-Diethoxy-N,N-Dimethyl-1-Butanamine
-6x doos met opschrift 4-Dimethylaninopyridine
-1x doos met opschrift Triethylanine HCL
-3x doos met opschrift Di-Tert-Butylpyrocarbonaat
-8x fles met opschrift 4-Dimethylaminopyridine
-5x fles Di-Tert-Butylpyrocarbonaat
en:
-monster van poeder uit blauw vat
-monster van vloeistof uit blauwe emmer
die op 20 januari 2025 in beslag zijn genomen onder:

[beslagene] ,

vestigingsadres: [adres 1]
vestigingsadres Nederland: [adres 2]
in rechte vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger]
woonplaats kiezende op het kantoor van mr. S.F.J. Bergmans, advocaat te Sittard (Paardestraat 29, 6131 HA Sittard)
hierna te noemen: beslagene.

Procedure

De vordering is op 17 juli ter griffie van deze rechtbank ontvangen.
De rechtbank heeft op 28 november 2025 de vordering in openbare raadkamer gelijktijdig behandeld met een klaagschrift tegen het gelegde beslag op onder meer voornoemde goederen met raadkamernummer: 25-007493.
De rechtbank heeft de waarnemend raadsvrouw mr. J.M. McKernan en de officier van justitie op zitting gehoord. Beslagene is, hoewel goed opgeroepen, niet verschenen.
VorderingDe vordering strekt tot onttrekking aan het verkeer van de hierboven genoemde inbeslaggenomen goederen.
De raadsvrouw heeft gepleit voor afwijzing van de vordering
De officier van justitie heeft gepersisteerd bij het schriftelijk standpunt van het Openbaar Ministerie en verzoekt om de vordering onttrekken aan het verkeer toe te wijzen.

Beoordeling

De rechtbank is bevoegd op grond van artikel 552f lid 1 Sv. De officier van justitie heeft een schriftelijke en onderbouwde vordering gedaan, zodat aan de eisen van artikel 552f lid 2 Sv is voldaan. Uit het schriftelijk standpunt van het Openbaar Ministerie leidt de rechtbank af dat beslagene niet strafrechtelijk wordt vervolgd ter zake van de hierboven genoemde inbeslaggenomen stoffen, zodat het openbaar ministerie ontvankelijk is in haar vordering.
Uit artikel 36d van het Wetboek van Strafrecht volgt dat vatbaar voor onttrekking aan het verkeer zijn de aan de dader of verdachte toebehorende voorwerpen van zodanige aard dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang, welke bij gelegenheid van het onderzoek naar het door hem begane feit, dan wel het feit waarvan hij wordt verdacht, zijn aangetroffen, doch alleen indien de voorwerpen kunnen dienen tot het begaan of de voorkoming van soortgelijke feiten, dan wel tot de belemmering van de opsporing daarvan.
Op grond van het dossier en het verhandelde in raadkamer stelt de rechtbank vast dat de inbeslaggenomen goederen aan beslagene toebehoren.
De middelen zijn aangetroffen in een loods in Sittard. Naast deze middelen is aldaar een grote hoeveelheid Tramadol aangetroffen, naar aanleiding waarvan beslagene nog strafrechtelijk wordt vervolgd voor overtreding van artikel 38 lid 1 Geneesmiddelenwet Pro.
Uit het onderzoek blijkt dat het hier lijkt te gaan om een productielocatie voor nieuwe psychoactieve stoffen (NPS), en niet om een onderzoekslocatie. Het is een locatie waar de nodige gevaarzetting van uitging. Uit het onderzoek blijkt dat er geen registratie of andere vergunning voor dergelijke bedrijfsactiviteiten is afgegeven. Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat [beslagene] niet was ingeschreven in het register van de Kamer van Koophandel en ook niet in de Gemeentelijke Basis Administratie. Ook beide bestuurders stonden niet ingeschreven in het register van de Kamer van Koophandel of de Gemeentelijke Basis Administratie.
Met betrekking tot de ruim 76 kilo (bruto) aangetroffen 2-Fluor-Ketamine stelt de rechtbank verder vast dat deze stof op grond van internationale verdragsverplichtingen vanwege grote gezondheidsrisico’s geplaatst had moeten zijn op lijst 1 van de Opiumwet, maar dat het proces daartoe vertraging heeft opgelopen. Plaatsing op lijst 1 van de Opiumwet van een stof betekent dat productie, handel en bezit ervan, strafbaar is.
De overige hierboven genoemde stoffen kunnen in een bepaalde combinatie leiden tot de productie van DMT, geplaatst op lijst 1 van de Opiumwet, dan wel van een NPS, waarvan eveneens risico’s voor de volksgezondheid uitgaan.
Gelet op bovenstaande omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, is volgens de rechtbank voldaan het hiervoor aangehaalde toetsingskader.
De rechtbank is van oordeel dat het ongecontroleerde bezit van onderhavige stoffen in strijd is met de wet of het algemeen belang. De rechtbank zal daarom de vordering toewijzen.

Beslissing

De rechtbank:
-
wijstde vordering van de officier van justitie tot onttrekking aan het verkeer van voornoemde goederen
toe;
Deze beslissing is gegeven door de raadkamer,
mr. E.M.J. Raeijmaekers, voorzitter,
mr. M.L.W.M. Viering en mr. J.G. Vos, rechters,
in tegenwoordigheid van C. Lochten, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op 12 december 2025.