Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
te hebben/houden en/of
zijn verplichting te voldoen zoveel mogelijk rechts te houden op de weg en/of
voor tegemoetkomend verkeer te rijden en/of
heeft gehad/gehouden en/of
zijn verplichting heeft voldaan zoveel mogelijk rechts te houden op de weg en/of
voor tegemoetkomend verkeer heeft gereden en/of
heeft gehad/gehouden en/of
zijn verplichting heeft voldaan zoveel mogelijk rechts te houden op de weg en/of
voor tegemoetkomend verkeer heeft gereden en/of
De formele voorvragen.
Beoordeling van het bewijs.
De bewijsmiddelen.
De bewezenverklaring.
zijn verplichting te voldoen zoveel mogelijk rechts te houden op de weg en
gehad en
zijn verplichting heeft voldaan zoveel mogelijk rechts te houden op de weg en
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en maatregel.
Verdachte heeft zich door het voorafgaand gebruik van middelen die de rijvaardigheid (kunnen) beïnvloeden, geheel geen rekenschap gegeven van de verantwoordelijkheid die een bestuurder van een motorvoertuig heeft ten opzichte van andere verkeersdeelnemers.
Verdachte kampte met problemen op het gebied van financiën, middelengebruik,
psychosociaal functioneren en houding, waarvan de laatste drie worden geclassificeerd als delict gerelateerd. De verslavings- en psychische problematiek dienen volgens de reclassering behandeld te worden om het delict gedrag duurzaam te veranderen.
Bij een veroordeling adviseert de reclassering een (deels) voorwaardelijke straf met de onderstaande bijzondere voorwaarden:
- een meldplicht bij de reclassering;
- ambulante behandeling (met mogelijkheid tot kortdurende klinische opname);
- een drugsverbod;
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] .
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
gevangenisstrafvoor de duur van 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van
taakstrafvoor de duur van 120 uren subsidiair 60 dagen hechtenis;
een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van 18