Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 maart 2026 in de zaak tussen
[eiseres 2], eiseres 2,
Samenvatting
Procesverloop
Feiten en omstandigheden
10 en 18 oktober 2024 als het invorderingsbesluit van 30 januari 2025 gehandhaafd.
Beoordeling door de rechtbank
- het gaat om een handelen of nalaten van iemand die hetzij uit hoofde van een dienstbetrekking hetzij uit anderen hoofde werkzaam is ten behoeve van de rechtspersoon,
- de gedraging past in de normale bedrijfsvoering van de rechtspersoon,
- de gedraging is de rechtspersoon dienstig geweest in het door hem uitgeoefende bedrijf,
- de rechtspersoon vermocht erover te beschikken of de gedraging al dan niet zou plaatsvinden en zodanig of vergelijkbaar gedrag werd blijkens de feitelijke gang van zaken door de rechtspersoon aanvaard of placht te worden aanvaard. Onder bedoeld aanvaarden is mede begrepen het niet betrachten van de zorg die in redelijkheid van de rechtspersoon kon worden gevergd met het oog op de voorkoming van de gedraging
De factois de enig bestuurder van beide eiseressen bij iedere geconstateerde overtreding € 10.000,- (2x € 5.000,-) verschuldigd en is het maximum daarmee feitelijk geen € 30.000,-, maar € 60.000,- (namelijk 2x € 30.000,-). Volgens eiseres 2 is daarmee ten onrechte geen rekening gehouden.
In het invorderingsbesluit heeft het college specifiek op de volgende feiten en omstandigheden afkomstig uit de rapportages gewezen. Op 14 oktober 2024 was de zegel ter plaatse van de nooddeur [19] verbroken en was de kruiwagen aan de binnenzijde van de deur verplaatst. [20] De nooddeur is op 14 oktober 2024 opnieuw verzegeld. Op 17 oktober 2024 was de zegel ter plaatse van de nooddeur gelegen aan de rechterzijgevel weer verbroken. [21] Ook was de kruiwagen aan de binnenzijde van deze deur weer verplaatst; hij stond nu rechts aan de binnenzijde van de nooddeur. [22] De nooddeur is op 17 oktober 2024 voorzien van nieuwe verzegeling. Op 4 november 2024 waren de zegels opnieuw verbroken ter plaatse van de twee nooddeuren gelegen aan de zijde van de Eikenlaan [23] en de kruiwagen die eerst bij de nooddeur stond, was niet langer zichtbaar. [24] Ook was het in de ruimte aanwezige matras verplaatst. [25] De twee nooddeuren zijn op 4 november 2024 opnieuw verzegeld. Op 12 november 2024 heeft de omgevingsdienst de locatie bezocht om de verzegeling te controleren en te verbreken ten behoeve van de asbestverwijderingswerkzaamheden van PFM. Daarbij heeft de omgevingsdienst geconstateerd dat de verzegeling reeds was verbroken. Het college concludeert hieruit dat het afgezette gebied op voormelde data in ieder geval is betreden en er (gelet op het verplaatsen van de aanwezige kruiwagen) mogelijk ook werkzaamheden zijn uitgevoerd, hetgeen tot verbeurte van dwangsommen leidt.
Op 12 november 2024 heeft de omgevingsdienst vastgesteld dat reeds op twee deuren zegels waren verbroken, waaronder die van 10 oktober 2024. Op iedere zegel bevindt zich de datum waarop de zegel geplaatst wordt en de eerste drie verbeurtes [27] zien niet op de zegel van 10 oktober 2024. Er is daarom op 12 november 2024 sprake van een nieuwe verbeurte. De omgevingsdienst heeft op 12 november 2024 geen nieuwe zegels aangebracht, vanwege de later die dag te verrichten voorbereidende werkzaamheden door PFM. Ten aanzien van de vraag of eiseressen meer hadden kunnen doen, geeft het college aan dat eiseressen ter voorkoming van het laten betreden de toegangen van houten beplatingen hadden kunnen voorzien.