Uitspraak
RECHTBANK Oost-Brabant
1.De procedure
2.De feiten
4.De beslissing
Stichting [naam stichting], gevestigd in [vestigingsplaats] en in het handelsregister van de Kamer van Koophandel ingeschreven onder nummer [nummer] :
Rechtbank Oost-Brabant
De Stichting [naam stichting] was opgericht in 2008 en was benoemd tot erfgenaam in het testament van wijlen [overledene]. De bestuurders van de Stichting waren benoemd voor een periode van twee jaar, welke termijnen ruimschoots waren verstreken zonder herbenoeming. Hierdoor was het bestuur komen te vervallen, waardoor de Stichting niet in staat was bestuursbesluiten te nemen, waaronder de aanvaarding van de nalatenschap.
De executeur in de nalatenschap van wijlen [overledene], tevens vertegenwoordiger van de Stichting, verzocht de rechtbank om nieuwe bestuurders te benoemen. Dit verzoek werd gedaan omdat zonder bestuur de nalatenschap niet kon worden overgedragen en de Stichting haar erfstelling niet kon aanvaarden.
De rechtbank stelde vast dat de benoeming van bestuurders door het bestuur zelf niet mogelijk was vanwege het ontbreken van een bestuur. Op grond van artikel 2:299 BW Pro kan de rechtbank in dat geval bestuurders benoemen. De beoogde bestuurders verklaarden zich bereid hun benoeming te aanvaarden en er waren geen bezwaren tegen hun benoeming.
De rechtbank besloot daarom de benoeming van de nieuwe bestuurders toe te wijzen en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Hiermee is het bestuur van de Stichting weer rechtsgeldig samengesteld, zodat de Stichting haar taken kan uitvoeren.
Uitkomst: De rechtbank benoemt nieuwe bestuurders van de Stichting wegens het ontbreken van een bestuur na afloop van de zittingstermijn.