Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
op of omstreeks 1 augustus 2024, te Eindhoven, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig, daarmede rijdende over de weg, de Veldmaarschalk Montgomerylaan, gekomen op of ter hoogte van de kruising van die weg met de weg Europalaan zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door roekeloos, in elk geval zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend,
- te rijden na het gebruik van alcohol,
- te rijden op de busbaan, terwijl hij, verdachte, geen ontheffing heeft om te rijden op die busbaan,
- via de busbaan de kruising op te rijden,
- (daarbij) een in zijn, verdachtes, rijrichting rood licht uitstralend verkeerslicht te negeren,
- (daarbij) zijn aandacht niet, althans niet voortdurend op het verkeer op die kruising heeft gehouden en/of
- tegen een op die kruising rijdende personenauto te botsen/rijden,
waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) zwaar lichamelijk letsel, te weten gekneusde ribben, of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan, terwijl hij verkeerde in de toestand als bedoeld in artikel 8 eerste Pro, tweede, derde, vierde of vijfde lid van de Wegenverkeerswet 1994, danwel na het feit niet heeft voldaan aan een bevel gegeven krachtens artikel 163, tweede, zesde, zevende of negende lid van genoemde wet
op of omstreeks 1 augustus 2024, te Eindhoven, als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee rijdende op de weg, de Veldmaarschalk Montgomerylaan, gekomen op of ter hoogte van de kruising van die weg met de weg Europalaan,
- heeft gereden na het gebruik van alcohol,
- heeft gereden op de busbaan, terwijl hij, verdachte, geen ontheffing heeft om te rijden op die busbaan,
- via de busbaan de kruising op is gereden,
- (daarbij) een in zijn, verdachtes, rijrichting rood licht uitstralend verkeerslicht heeft genegeerd
- (daarbij) zijn aandacht niet, althans niet voortdurend op het verkeer op die kruising heeft gehouden en/of
tegen een op die kruising rijdende personenauto is gebotst/gereden, door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd;
op of omstreeks 1 augustus 2024 te Eindhoven, als bestuurder van een motorrijtuig, (personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte in zijn bloed bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder b van de Wegenverkeerswet 1994, 1,55 milligram, in elk geval hoger dan 0,5 milligram, alcohol per milliliter bloed bleek te zijn.
De formele voorvragen.
De beoordeling van de tenlastegelegde feiten.
De feiten
Het beoordelingskader
Verwijtbaar handelen van verdachte
Mate van schuld
Het letsel
Dubbele causaliteit
De bewezenverklaring.
op 1 augustus 2024, te Eindhoven, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig, daarmede rijdende over de weg, de Veldmaarschalk Montgomerylaan, gekomen op of ter hoogte van de kruising van die weg met de weg Europalaan zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door zeer onvoorzichtig en onoplettend,
- te rijden na het gebruik van alcohol,
- te rijden op de busbaan, terwijl hij, verdachte, geen ontheffing heeft om te rijden op die busbaan,
- via de busbaan de kruising op te rijden,
- daarbij een in zijn, verdachtes, rijrichting rood licht uitstralend verkeerslicht te negeren,
- daarbij zijn aandacht niet, althans niet voortdurend op het verkeer op die kruising heeft gehouden en
- tegen een op die kruising rijdende personenauto te rijden,
waardoor een ander genaamd [slachtoffer] zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan, terwijl hij verkeerde in de toestand als bedoeld in artikel 8 tweede Pro lid van de Wegenverkeerswet 1994.
op 1 augustus 2024 te Eindhoven, als bestuurder van een motorrijtuig, personenauto, dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte in zijn bloed bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder b van de Wegenverkeerswet 1994, 1,55 milligram alcohol per milliliter bloed bleek te zijn.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
- taakstraf van 240 uren subsidiair 120 dagen hechtenis,
- een gevangenisstraf van zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren en
- een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van vier jaren.
algemeen
de ernst van de bewezenverklaarde feiten
strafverzwarende omstandigheden
de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte
samenloop
de strafmodaliteit
de conclusie
- een taakstraf van 240 uren subsidiair 120 dagen hechtenis en
- een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van drie jaren waarvan één jaar voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren. Bij de tenuitvoerlegging van deze ontzegging zal de tijd dat het rijbewijs ingevorderd is geweest op het onvoorwaardelijk gedeelte van deze straf in mindering worden gebracht.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
overtreding van artikel 6 van Pro de Wegenverkeerswet 1994, terwijl het een ongeval betreft waardoor een ander lichamelijk letsel wordt toegebracht
overtreding van artikel 8, tweede lid, onderdeel b van de Wegenverkeerswet 1994(1,55 milligram).
Feit 1 en 2 zijn in eendaadse samenloop gepleegd.
taakstrafvoor de duur
van 240 uren[tweehonderd veertig uren] te vervangen door 120 dagen hechtenis indien veroordeelde deze taakstraf niet of niet naar behoren verricht.
ontzeggingvan de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur
van drie jaren.
één jaar niet ten uitvoerzal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat veroordeelde zich voor het einde van een
proeftijd van twee jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.