ECLI:NL:RBOBR:2026:2459
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tegemoetkoming vraatschade door ganzen op landbouwpercelen
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming wegens vraatschade veroorzaakt door grauwe ganzen op zijn landbouwpercelen. Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant wees deze aanvraag af, omdat volgens taxaties geen relevante schade was vastgesteld. Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in nadat het bezwaar ongegrond werd verklaard.
De rechtbank oordeelde eerder dat het college onvoldoende had onderzocht op welke feiten de taxaties waren gebaseerd en gaf het college opdracht een nieuw besluit te nemen. Na een nieuw besluit bleef het college bij de afwijzing, gebaseerd op taxatieverslagen en een nadere toelichting waarin werd toegelicht dat slechts lichte vraatschade aan oud gras was geconstateerd, die niet relevant was voor een tegemoetkoming.
Eiser voerde aan dat hij op 90% van zijn perceel schade had geleden en dat de taxateurs hem onvoldoende hadden betrokken. De rechtbank stelde vast dat het college zich mocht baseren op de taxaties en dat eiser onvoldoende bewijs had geleverd voor een relevant schadebeeld. Foto’s en getuigenverklaringen van eiser boden onvoldoende steun. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat het college terecht geen tegemoetkoming toekent.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt dat het college terecht geen tegemoetkoming toekent wegens het ontbreken van een relevant schadebeeld.