Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 april 2026 in de zaken tussen
SHE 25/1472 [eiser 1] , uit [woonplaats] , eiser 1,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maashorst,
[naam], uit [woonplaats] (vergunninghouder).
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
onverhardepaden, wegen en groenvoorzieningen toegestaan. Aangezien het bestreden besluit niet voorziet in het vergunnen van een afwijking van het omgevingsplan, is de vergunde uitweg daarmee in strijd. Dit betekent dat het college de vergunning had moeten weigeren op grond van artikel 5:3, derde lid, van de Verordening fysieke leefomgeving Maashorst. Het college heeft in bezwaar uitsluitend getoetst aan het bestemmingsplan ‘Partiële herziening buitengebied 2017’, maar dat was niet meer van kracht. Het college had moeten toetsen aan het Veegplan. Het college heeft daarom in strijd gehandeld met het in artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht opgenomen zorgvuldigheidsbeginsel.