Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De tenlastelegging.
- op de CMR (deel voor vervoerder, deel 3) (met kenmerk: 36367561)(DOC-2071, p. 1.977) heeft vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op het handelsdocument (DOC-2072 tot en met 2075, p. 1.978 tot en met 1.981) heeft vermeld dat het ging om 'Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op de factuur tussen [bedrijf 1] en [verdachte] (met kenmerk: 2020.0009)(DOC-2243, p. 2.169) heeft vermeld dat het ging 'Aanvoer Slib runderslachterij’, en/of,
- op de factuur tussen [verdachte] en [bedrijf 2] (met kenmerk: 2020183)(DOC-2061, p. 1.965) heeft vermeld dat het ging om ‘Transport Magen- und Darminhalt gemischt mit Blut’, en/of,
- op de CMR (deel voor de geadresseerde, deel 2)(met kenmerk: 36367561)(DOC- 2417, p. 2.266) heeft vermeld dat het ging om 'Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed', en/of,
op de CMR (deel voor vervoerder, deel 3) (met kenmerk: 36365092)(DOC-2123, p. 2.037) heeft vermeld dat het ging om 'Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op het handelsdocument (DOC-2124 tot en met 2126, p. 2.038 tot en met 2.040) heeft vermeld dat het ging om 'Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op de factuur tussen [bedrijf 1] en [verdachte] (met kenmerk: 2020.0014)(DOC-2247, p. 2.173) heeft vermeld dat het ging ‘Slib slachterij', en/of,
- op de factuur tussen [verdachte] en [bedrijf 2] (met kenmerk: 20200313)(DOC-2101, p. 2.012) heeft vermeld dat het ging om ‘Transport Magen- und Darminhalt gemischt mit Blut’, en/of,
- op de CMR (deel voor de geadresseerde, deel 2)(met kenmerk: 36365092)(DOC- 2462, p. 2.312) heeft vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op de CMR (deel voor vervoerder, deel 3) (met kenmerk: 36367018)(DOC-2164, p. 2.084) heeft vermeld dat het ging om 'Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op het handelsdocument (DOC-2165 tot en met 2167, p. 2.085 tot en met 2.087) heeft vermeld dat het ging om Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op de factuur tussen [bedrijf 1] en [verdachte] (met kenmerk: 2020.0018)(DOC-2251, p. 2.177) heeft vermeld dat het ging ‘Slib slachterij', en/of,
- op de factuur tussen [verdachte] en [bedrijf 2] (met kenmerk: 20200436)(DOC-2151, p. 2.068) heeft vermeld dat het ging om ‘Transport Magen- und Darminhalt gemischt mit Blut', en/of,
- op de CMR (deel voor de geadresseerde, deel 2)(met kenmerk: 36367018)(DOC- 2497, p. 2.347) heeft vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op de CMR (deel voor vervoerder, deel 3) (met kenmerk: 42399570)(DOC-2213, p. 2.140) heeft vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed', en/of,
- op het handelsdocument (DOC-2214 tot en met 2216, p. 2.141 tot en met 2.143) heeft vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op de factuur tussen [bedrijf 1] en [verdachte] (met kenmerk: 2020.0025)(DOC-2256, p. 2.182) heeft vermeld dat het ging ‘Slib slachterij', en/of,
- op de factuur tussen [verdachte] en [bedrijf 2] (met kenmerk: 20200591)(DOC-2200, p. 2.124) heeft vermeld dat het ging om ‘Transport Magen- und Darminhalt gemischt mit Blut’, en/of,
- op de CMR (deel voor de geadresseerde, deel 2)(met kenmerk: 42399570)(DOC- 2538, p. 2.388) heeft vermeld dat het ging om 'Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’,
2.De formele voorvragen.
3.De bewijsbeslissing,
De inleiding.
Welk product is er door [verdachte] vervoerd van [bedrijf 2] naar [bedrijf 1] ?
“Ja. Wat er precies in de tank zat. dat weet ik niet. Maar er zat veel bloed bij, dat is een feit. Ik heb het zelf niet onderzocht.”Ter zitting heeft verdachte ook verklaard dat bij aanvang bloed werd vervoerd.
“transport rinderblut”vermeld.
slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed”. Op 13 maart 2020 geeft verdachte aan [chauffeur] de opdracht om naar kantoor te komen. Uit de gebezigde bewijsmiddelen blijkt zonder meer dat dit nodig was omdat [chauffeur] niet over de nieuwe versie van de handelsdocumenten beschikte.
“slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed”. Dit terwijl uit de verklaring van onder meer getuige Aspers die in dienst was bij [verdachte] blijkt dat bij [bedrijf 2] altijd werd geladen vanuit dezelfde tank. De enige feitelijke verandering die kennelijk plaatsvond binnen de bedrijfsvoering van [verdachte] was dat verdachte aan hen vertelde dat er andere omschrijvingen op hun papieren moest komen te staan. Dit moest namelijk overeenkomen met het advies van het adviesbureau en de opgestelde handelsdocumenten.
‘1 vracht bloed’. Op 24 september 2020 belde [naam 2] met verdachte over deze situatie en deelde hij aan verdachte mede dat als op de CMR’s bloed blijft staan het product niet mag worden afgenomen in Esbeek. Na dit telefoongesprek stuurt medeverdachte [medeverdachte] een WhatsApp-bericht naar de chauffeurs die bij hem in dienst waren. In dit bericht maakte hij duidelijk aan zijn chauffeurs dat nergens op de papieren bloed meer mag staan.
Het (voorwaardelijk) opzet van verdachte.
“slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed”en/of “
Magen- und Darminhalt gemischt mit Blut” is niet geloofwaardig. Immers zijn dit wezenlijk andere restproducten van een slachthuis dan bloed. Het onderscheid tussen dergelijke producten is voor eenieder, eventueel na wat korte zoekslagen op internet, gemakkelijk te maken. Van een internationale vervoerder, die uit hoofde van het CMR-verdrag verplicht was om de inhoud van hun ladingen te controleren en de juiste omschrijvingen van de ladingen op de CMR-vrachtbrieven te zetten, mag dit ook worden verwacht. Het ligt dan ook alleszins voor de hand dat medeverdachte [medeverdachte] wel degelijk heeft ingezien dat de geadviseerde termen niet konden kloppen met wat hij werkelijk vervoerde. Om een voor hem moverende reden is hij desondanks steeds meegegaan in de opdrachten die hij van [naam 2] lijkt te hebben gekregen om het bloed op papier als iets anders te omschrijven.
Kunnen de strafbare feiten worden toegerekend aan [verdachte] ?
Medeplegen.
4.De bewezenverklaring.
- op de CMR (deel voor vervoerder, deel 3) (met kenmerk: 36367561) vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op het handelsdocument vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op de factuur tussen [bedrijf 1] en [verdachte] (met kenmerk: 2020.0009) vermeld dat het ging ‘Aanvoer Slib runderslachterij’, en,
- op de factuur tussen [verdachte] en [bedrijf 2] (met kenmerk: 2020183) vermeld dat het ging om ‘Transport Magen- und Darminhalt gemischt mit Blut’, en,
- op de CMR (deel voor de geadresseerde, deel 2)(met kenmerk: 36367561) vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op de CMR (deel voor vervoerder, deel 3) (met kenmerk: 36365092) vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op het handelsdocument vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op de factuur tussen [bedrijf 1] en [verdachte] (met kenmerk: 2020.0014) vermeld dat het ging ‘Slib slachterij’, en,
- op de factuur tussen [verdachte] en [bedrijf 2] (met kenmerk: 20200313) vermeld dat het ging om ‘Transport Magen- und Darminhalt gemischt mit Blut’, en,
- op de CMR (deel voor de geadresseerde, deel 2)(met kenmerk: 36365092) vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op de CMR (deel voor vervoerder, deel 3) (met kenmerk: 36367018) vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op het handelsdocument vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op de factuur tussen [bedrijf 1] en [verdachte] (met kenmerk: 2020.0018) vermeld dat het ging ‘Slib slachterij’, en,
- op de factuur tussen [verdachte] en [bedrijf 2] (met kenmerk: 20200436) vermeld dat het ging om ‘Transport Magen- und Darminhalt gemischt mit Blut’, en,
- op de CMR (deel voor de geadresseerde, deel 2)(met kenmerk: 36367018)(DOC-2497, p. 2.347) vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op de CMR (deel voor vervoerder, deel 3) (met kenmerk: 42399570) vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en/of,
- op het handelsdocument vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’, en,
- op de factuur tussen [bedrijf 1] en [verdachte] (met kenmerk: 2020.0025) vermeld dat het ging ‘Slib slachterij’, en,
- op de factuur tussen [verdachte] en [bedrijf 2] (met kenmerk: 20200591) vermeld dat het ging om ‘Transport Magen- und Darminhalt gemischt mit Blut’, en,
- op de CMR (deel voor de geadresseerde, deel 2)(met kenmerk: 42399570) vermeld dat het ging om ‘Slib van slachterij bestaande uit ongeboren mest met bloed’,
5.De strafbaarheid van het feit.
6.De strafbaarheid van verdachte.
7.De oplegging van straf.
verklaarthet tenlastegelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven;
verklaartniet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij;
verklaartdat het bewezenverklaarde oplevert het misdrijf:
verklaartverdachte hiervoor strafbaar en legt op de volgende straf: