Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging
De formele voorvragen
Bewijs
De bewezenverklaring
De strafbaarheid van het feit
De strafbaarheid van verdachte
De gevoelens en gedachten die verdachte had bij aangever waren volledig bepaald door zijn psychotische stoornis. Verdachte was ervan overtuigd dat aangever een (levens)gevaarlijke gebruiker was van zwarte magie en ervoer al maanden dat hij door zwarte magie belaagd werd. Dit was heel erg beangstigend voor hem. Ook al wordt het precieze delictscenario niet duidelijk door zijn ontkennende houding, gezien het allesoverheersende psychotische beeld waarin aangever een grote rol speelt is het zeer aannemelijk dat zijn gedrag tijdens het ten laste gelegde, indien dit bewezen wordt geacht, in grote, danwel volledige mate bepaald werd door zijn psychotische stoornis. (…) Indien het ten laste gelegde bewezen wordt geacht wordt geadviseerd betrokkene deze tenminste in sterk verminderde mate toe te rekenen, waarbij volledige ontoerekenbaarheid niet is uit te sluiten.”
Gezien betrokkenes ontkennende houding is het niet mogelijk geweest om na te gaan wat voorafgaand aan - en ten tijde van het ten laste gelegde precies zijn gevoelens, gedachten en beweegredenen zijn geweest. Naar de mening van rapporteur kunnen desalniettemin toch uitspraken worden gedaan over een verband tussen het ten laste gelegde feit en de bij betrokkene bestaande schizofrenie. Zo wordt het, afgaande op het geheel aan beschikbare informatie, aannemelijk geacht dat betrokkene ten tijde van het ten laste gelegde psychotisch was, dat hij er in zijn paranoïde waanbeleving van overtuigd was dat aangever hem middels zwarte magie beïnvloedde en wilde controleren en vermoorden, en dat hij in deze toestand, mogelijk vanuit het waanidee zichzelf te moeten verdedigen, tot het ten laste gelegde is gekomen.
(…) Aangenomen mag worden dat er ten tijde van het ten laste gelegde feit sprake is geweest van een doorwerking van de bij betrokkene bestaande stoornis in het hem ten laste gelegde gedrag, ofwel dat de gedragskeuze-mogelijkheden van betrokkene ten tijde van het ten laste gelegde feit door deze stoornis werden beperkt. Door de bij hem aanwezige psychotische stoornis, met name ook zijn paranoïde wanen, waren zijn mogelijkheden tot zelfsturing beperkt, was hij in een sterk verminderde mate in staat om zijn gedrag bij te sturen.”
Oplegging van een maatregel
Het matig tot hoge risico op recidive wordt bij betrokkene voornamelijk bepaald door zijn psychotische stoornis. Door zijn chronische ernstige psychiatrische stoornis is hij maatschappelijk afgegleden. (…) Zorg en behandeling vindt hij niet echt nodig vanuit zijn zeer beperkte ziektebesef en inzicht. De problemen en bijbehorende stress zal hij wederom psychotisch duiden waarvanuit het matig- tot hoge recidiverisico vervolgens actueel wordt. Deze psychiatrische behandeling zal klinisch moeten beginnen binnen een forensisch psychiatrische setting waar risicogestuurd behandeld wordt. Daarbij lijkt een (zeer) hoog beveiligingsniveau niet nodig. (…)
Ten einde het recidive-risico zoveel mogelijk te beperken, is het van belang dat betrokkene psychiatrische behandeling wordt geboden waarin primair aandacht wordt besteed aan het optimaal instellen van anti-psychotische medicatie. (…)
Wij adviseren negatief over tbs met voorwaarden. Wij zien geen mogelijkheden om met voorwaarden de risico's te beperken of het gedrag te veranderen. De reclassering ziet gezien zijn ontkenning, beperkte motivatie voor het gebruik van medicatie, de beperkte openheid van zaken, ontkenning van problemen in zijn leven, het gebrek aan ziekte-inzicht, zijn gebrekkige probleembesef, het ontbreken van binding met Nederland en doordat hij de indruk wekt zich niet zo maar te schikken aan hetgeen hem gezegd wordt de nodige bezwaren voor een tbs met voorwaarden. We schatten mede gezien zijn wens om Nederland te verlaten en zijn eerdere besluiten een land te verlaten in dat de kans op onttrekking aanwezig is.”
De reclassering heeft eerder negatief geadviseerd ten aanzien van TBS met voorwaarden, met name vanwege zorgen over de uitvoerbaarheid, de afwezigheid van intrinsieke motivatie van betrokkene en het verwachte hoge afbreukrisico. Deze zorgen zijn onverminderd aanwezig en worden door de huidige informatie niet weggenomen. (…)
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer]
Toepasselijke wetsartikelen
DE UITSPRAAK
poging tot moord;
niet strafbaaren
ontslaat hem van alle rechtsvervolgingterzake daarvan;
ter beschikking zal worden gestelden beveelt dat hij
van overheidswege wordt verpleegd;