ECLI:NL:RBOBR:2026:433

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
27 januari 2026
Publicatiedatum
27 januari 2026
Zaaknummer
NL:TZ:0000422028:B001
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toekenning van extra uren aan bewindvoerder in het kader van belastingaangifte voor overleden partner

Op 27 januari 2026 heeft de Rechtbank Oost-Brabant, locatie 's-Hertogenbosch, een beschikking gegeven in een zaak waarin Mentum Bewindvoering B.V. verzocht om toekenning van 2 extra uren voor werkzaamheden conform artikel 3 lid 6 van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. De kantonrechter heeft kennisgenomen van het verzoek, dat op 7 januari 2026 is ingediend, en heeft besloten af te zien van een mondelinge behandeling. De verzoeker lichtte het verzoek toe met betrekking tot het indienen van belastingaangifte voor zowel de betrokkene als haar overleden echtgenoot. De kantonrechter overwoog dat de werkzaamheden die onder de reguliere taken van een bewindvoerder vallen, zoals het doen van belastingaangifte, niet als uitzonderlijke omstandigheden kunnen worden beschouwd. Echter, de werkzaamheden met betrekking tot de overleden partner van de betrokkene werden als uitzonderlijk gezien. De kantonrechter verleende machtiging om 1 uur à € 99,83 inclusief BTW in rekening te brengen voor deze specifieke werkzaamheden, terwijl het overige verzoek werd afgewezen. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, uitsluitend door tussenkomst van een advocaat, binnen drie maanden na de uitspraak.

Uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT
Toezicht
Locatie 's-Hertogenbosch
toezichtnummer
:
NL:TZ:0000422028:B001
CBM-nummer
:
[beschikkingsnummer]
beschikkingsnummer
:
1
datum
:
27 januari 2026

Beschikking van de kantonrechter

op verzoek van:
Mentum Bewindvoering B.V.,
Postbus 88, 5740 AB Beek en Donk,
Kamer van Koophandel-nummer 88410331,
hierna te noemen: verzoeker,
met betrekking tot:

[naam betrokkene] ,geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,wonende te [adres] , [postcode] [woonplaats] ,hierna te noemen: betrokkene.

Procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 7 januari 2026.
De kantonrechter heeft op grond van de ontvangen informatie afgezien van een mondelinge behandeling.

Beoordeling

Verzoeker vraagt om toekenning van 2 extra uren conform artikel 3 lid 6 van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren.
Verzoeker licht het verzoek als volgt toe:
“Over het jaar 2024 moest nog inkomensbelasting aangifte gedaan worden; zowel voor mevrouw als op 06-08-2024 overleden echtgenoot. Eerst geprobeerd een nabestaandenmachtiging te krijgen, maar dit ging niet omdat ik dit niet namens mevrouw mocht aanvragen omdat mevrouw onder bewind staat. Dit moest gedaan worden door iemand met een bloedband met meneer die niet onder bewind staat. Meneer heeft geen kinderen of broers/zussen, dus dat was geen optie. Dus moest van beide op papier, omdat zij fiscale partners zijn. Dit vandaag op papier verzorgd, met het nodige uitzoekwerk en opvraag jaaropgave 2024.
De kantonrechter overweegt als volgt.
Op grond van artikel 3 lid 6 van de Regeling kan de kantonrechter wegens uitzonderlijke omstandigheden de beloning op een andere wijze vaststellen. Het verzoek om extra gewerkte uren in rekening te mogen brengen moet hieraan getoetst worden.
Met ‘uitzonderlijke omstandigheden’ wordt benadrukt dat niet te snel mag worden aangenomen dat van de Regeling kan worden afgeweken. Wat volgens de toelichting bij Regeling in geen geval onder uitzonderlijke omstandigheden kan worden verstaan zijn de werkzaamheden die blijkens de toelichting vallen onder de verschillende voor professionele vertegenwoordigers onderscheiden categorieën werkzaamheden. Met andere woorden, werkzaamheden die beschouwd dienen te worden als de gewone werkzaamheden van een bewindvoerder vormen geen uitzonderlijke omstandigheid. De regeling bouwt voort op de systematiek van de aanbevelingen, waarbij het systeem van de beloning uitgaat van de solidariteitsgedachte dat de eenvoudige bewinden mede de lasten van ingewikkelder bewinden dragen. Inherent hieraan is dat niet voor alle extra werkzaamheden een extra beloning kan worden gevraagd.
Onder de wettelijke taak van een bewindvoerder wordt onder meer begrepen het doen van belastingaangifte over het afgelopen kalenderjaar. De kantonrechter kan op verzoek van de bewindvoerder machtiging verlenen voor een extra beloning als het gaat om het doen van achterstallige belastingaangiften dan wel voor het doen van aangifte box 2 of 3 als sprake is van bijzondere werkzaamheden die een extra beloning rechtvaardigen, zoals opgenomen in de Aanbevelingen Meerderjarigenbewind, Curatele en Mentorschap, vastgesteld door het Landelijk Overleg Vakinhoud Toezicht op 3 april 2025.
Het doen van aangifte, ook het jaar voorafgaand aan het jaar van toelating, hoort bij de reguliere werkzaamheden van de bewindvoerder. De door verzoeker verzochte beloning voor het indienen van de belastingaangifte 2024 voor betrokkene behoort naar het oordeel van de kantonrechter tot de reguliere werkzaamheden waarop de forfaitaire jaarbeloning van toepassing is. Uitzondering hierop zijn werkzaamheden die zien op het indienen van de belastingaangifte 2024 voor de overleden partner van betrokkene. De kantonrechter is van oordeel dat hiervoor een beloning van 1 uur ad € 99,83 incl. BTW kan worden toegewezen.

Beslissing

De kantonrechter :
-verleent machtiging om bij betrokkene in totaal 1 uur á € 99,83 incl. BTW voor het indienen van de belastingaangifte 2024 voor de overleden partner van betrokkene in rekening te brengen conform artikel 3 lid 6 van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;
-wijst het anders of meer verzochte af.
Deze beschikking is gegeven door mr. F.H. Schormans, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 27 januari 2026.
Tegen deze beschikking kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch:
a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.