Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De vordering van de officier van justitie.
De beoordeling.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
- stelthet bedrag waarop het door de veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vast op € 97.500,- (zevenennegentigduizend vijfhonderd euro);
- legtaan [verdachte] op de verplichting tot betaling aan de Staat van een geldbedrag ter hoogte van € 97.500,- (zevenennegentigduizend vijfhonderd euro), ter ontneming van het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel;
- bepaaltde duur van de gijzeling die met toepassing van artikel 6:6:25 van Pro het Wetboek van Strafvordering ten hoogste kan worden gevorderd op 975 dagen.