ECLI:NL:RBOBR:2026:4505
Rechtbank Oost-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning tijdelijk asielzoekerscentrum in Nuenen
Deze uitspraak betreft een verzoek om voorlopige voorziening tegen drie omgevingsvergunningen die het college van burgemeester en wethouders van Nuenen heeft verleend voor de realisering van een tijdelijk asielzoekerscentrum (AZC) voor tien jaar. Verzoeker betwist de vergunningen en vordert schorsing van de bouw en het gebruik van het AZC.
De voorzieningenrechter overweegt dat de vergunningen niet evident onrechtmatig zijn. Het college heeft de bezwaren van verzoeker beoordeeld en de motivering van het besluit aangevuld, onder meer met voorschriften gericht op sociale veiligheid, zoals 24/7 beveiliging en een omwonendenoverleg. De locatiekeuze is volgens het college zorgvuldig gemaakt en alternatieven zijn onvoldoende onderbouwd door verzoeker.
Verder oordeelt de voorzieningenrechter dat de aangevoerde bezwaren over stikstofberekeningen, woon- en leefklimaat, veiligheidsrisico’s, bodemonderzoek, archeologie en soortenbescherming niet strekken tot bescherming van het belang van verzoeker, waardoor deze gronden niet tot schorsing leiden. De belangenafweging leidt tot het oordeel dat het algemeen belang bij de opvang van asielzoekers zwaarder weegt dan het belang van verzoeker.
De bouw mag worden voortgezet en het AZC mag in gebruik worden genomen. De uitspraak is voorlopig van aard en bindt niet in de bodemprocedure. Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunningen voor het tijdelijk AZC wordt afgewezen, waardoor bouw en gebruik mogen worden voortgezet.