Uitspraak
2 december 2025 heeft bedreigd (feit 1) in het bijzijn van hun tweejarige zoontje. Daarnaast zou verdachte op 24 december 2025 in het zwembad – ook in het bijzijn van hun zoontje – met beide handen enige tijd haar keel hebben dichtgeknepen (feit 2) en haar opnieuw hebben bedreigd (feit 3). Verdachte heeft deze feiten grotendeels bekend. Ten aanzien van het dichtknijpen van de keel heeft hij verklaard dat hij haar niet met beide handen, maar kort met een hand bij haar keel heeft vastgepakt.
- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 11 juni 2026;
- een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer] van 24 december 2025 (p. 8-11);
- een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer] van 26 december 2025 (p. 33-37);
- een proces-verbaal van verhoor getuige [getuige] van 24 december 2025 (p. 15-16).
(540 dagen), met aftrek van voorarrest, waarvan 442 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en met de door de reclassering in haar rapport van 18 mei 2026 geformuleerde voorwaarden die dadelijk uitvoerbaar zouden moeten worden verklaard. Waar de reclassering heeft geadviseerd tot een locatieverbod van 500 meter rondom de woning van slachtoffer, heeft de officier van justitie verzocht verdachte te verbieden zich te bevinden in een straal van 1000 meter rondom de woning van slachtoffer.
Legt op de volgende straf
gevangenisstrafvoor de duur van 160 dagen met aftrek overeenkomstig artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafrecht (door de rechtbank vastgesteld op 100 dagen), waarvan 60 dagen voorwaardelijk en een proeftijd van 2 jaren. Voorwaarde is, dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit.
[slachtoffer] , geboren [1989] .
Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] :
[slachtoffer] , van een bedrag van 145,86 euro (materiële schade), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 december 2025 tot aan de dag der algehele voldoening.