Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOBR:2026:4574

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
25 juni 2026
Publicatiedatum
25 juni 2026
Zaaknummer
01.288193.21
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 38d SrArt. 38e Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging terbeschikkingstelling met verpleging wegens moord en psychotische stoornis

Betrokkene is eerder veroordeeld tot terbeschikkingstelling (TBS) met voorwaarden wegens moord. De rechtbank heeft deze maatregel reeds meerdere malen verlengd, laatstelijk in mei 2024. De officier van justitie verzocht op 13 mei 2026 om verlenging van de TBS met twee jaar, hetgeen op 11 juni 2026 in een openbare zitting is behandeld.

Psychiatrisch onderzoek concludeert dat betrokkene lijdt aan een chronische psychotische stoornis (schizofrenie) en een trauma-gerelateerde stoornis, met een verhoogd risico op psychose en gewelddadig gedrag zonder adequate medicatie en begeleiding. Betrokkene bevindt zich aan het begin van een resocialisatietraject en heeft nog tijd en ondersteuning nodig om zelfstandigheid te vergroten.

De reclassering bevestigt de positieve ontwikkelingen, maar adviseert verlenging van de TBS om het risicomanagement te waarborgen en verdere groei te monitoren. Nabestaanden verzochten locatieverboden, waarvan het verbod op het kerkhof wordt toegewezen, maar het ruimere verbod voor ’s-Hertogenbosch-Oost wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en disproportionele beperking van bewegingsvrijheid.

Betrokkene stemt in met verlenging en het kerkhofverbod. De rechtbank volgt de adviezen en besluit tot verlenging van de TBS met twee jaar, met toevoeging van het locatieverbod voor het kerkhof op de gevraagde dagen, en wijst het andere locatieverbod af.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met verpleging met twee jaar en wijzigt de bijzondere voorwaarden met een locatieverbod voor het kerkhof.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK OOST-BRABANT

Parketnummer: [01.288193.21]
Locatie 's-Hertogenbosch
Strafrecht
Parketnummer: 01.288193.21
Uitspraakdatum: 25 juni 2026

Beslissing verlenging terbeschikkingstelling

Beslissing in de zaak van:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [2000] ,
verblijvende te: [verblijfplaats] ,
adres: [adres 1] ,
hierna: betrokkene.

Het onderzoek van de zaak.

Bij arrest van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 11 december 2025 is aan betrokkene
de maatregel terbeschikkingstelling met voorwaarden opgelegd. Dezelfde maatregel was hiervoor bij vonnis van de rechtbank van 22 juni 2022 aan betrokkene opgelegd. Deze terbeschikkingstelling is voor het laatst, bij beslissing van deze rechtbank van 29 mei
2024 met twee jaar verlengd.
De vordering van de officier van justitie bij deze rechtbank van 13 mei 2026 strekt tot verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling voor de duur van twee jaar.
Deze vordering is behandeld op de openbare terechtzitting van de rechtbank van 11 juni 2026. Hierbij zijn de officier van justitie, deskundige [naam 1] (reclasseringswerker),
nabestaande [nabestaande] en zijn raadsvrouw mr. P.P.E. Buchele, betrokkene en haar raadsvrouw mr. J.M.C. van Gorkum gehoord.
In het dossier bevinden zich onder andere:
  • het reclasseringsadvies (Novadic-Kentron) van 16 april 2026, ondertekend door [naam 1] (reclasseringswerker) en [naam 2] (unitmanager);
  • het Pro Justitia psychiatrisch onderzoek betreffende betrokkene d.d. 24 februari 2026, opgemaakt en ondertekend door I. Maksimovic (psychiater);
  • slachtofferrapportages, waaronder van [nabestaande] d.d. 8 mei 2026;
  • de omtrent betrokkene opgemaakt voortgangsverslagen;
  • het persoonsdossier van betrokkene.

De beoordeling.

De terbeschikkingstelling is toegepast ter zake van moord, terwijl de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel eiste. Het hiervoor genoemde misdrijf betreft een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.
In voornoemd
rapport van psychiater I. Maksimovic isonder meer het navolgende gesteld:
(..)Bij betrokkene is sprake van een chronische psychotische stoornis, die aan de classificatiecriteria van schizofrenie voldoet. Verder is er sprake van een trauma- gerelateerde stoornis; betrokkene voldeed aan de criteria van een PTSS, maar dankzij de behandeling is de ernst daarvan afgenomen. Ten slotte kan er worden gesproken van een stoornis in cannabisgebruik, in remissie in een gereguleerde omgeving.(..)Het risico op gewelddadig gedrag vloeit voort uit de mogelijkheid van het ontstaan van een psychose. Gelet op betrokkenes psychotische kwetsbaarheid is de kans dat zij zonder medicatie een psychose zal ontwikkelen groot. Inadequate coping (vermijding, palliatieve coping) en traumagerelateerde klachten droegen voor het indexdelict bij aan het verzwakken van de draagkracht, waardoor een psychose gemakkelijker kon ontstaan dan zonder deze factoren. Het gebruik van middelen kan een psychose ontketenen, dan wel verergeren, wat op zijn beurt kan bijdragen aan risico’s. De inschatting is dat wanneer betrokkene adequaat ingesteld is op de juiste dosering van antipsychotische medicatie (en derhalve niet psychotisch is), zij voldoende ondersteuning en structuur krijgt, zij abstinent blijft van middelen en er rekening wordt gehouden met haar draagkracht, het recidiverisico verlaagd is. In de huidige situatie, dankzij het stabiele functioneren van betrokkene wordt het risico op gewelddadig gedrag als laag ingeschat. Zonder de context van TBS met voorwaarden is de inschatting, dat de risico’s zullen oplopen. Betrokkene is nu aan het begin van het resocialisatieproces. Gaandeweg dat proces zal haar draagkracht worden op proef gesteld. Het is van belang om na te gaan, door meer stapsgewijs verantwoordelijkheid aan betrokkene te geven, of zij in staat is om zich in een context met minder structuur kan handhaven en of zij in staat is om datgene wat zij heeft geleerd toe te passen. Het is niet ondenkbaar dat het overschrijden van de draagkracht in de context zonder de huidige zorg en ondersteuning zou kunnen leiden tot psychotische ontregeling. Wanneer dit aspect, in samenhang met de structurele kwetsbaarheid vanuit schizofrenie, wordt afgewogen tegen de winst die behaald is door de behandeling tot nu toe, wordt het risico op gewelddadig gedrag in de context ‘uit zorg’, i.e. in het hypothetische geval dat de TBS-maatregel nu zou komen te vervallen, als matig ingeschat. Het indexdelict heeft echter laten zien dat de gevolgen
van dit risico ernstig kunnen zijn.(..)
Het gebruik van antipsychotische medicatie en het naleven van andere leefregels om een psychose te voorkomen - abstinentie van middelen, aanvaarden van professionele hulp, ondersteuning, structuur en aanwijzingen en geen overschrijding van de draagkracht - is van belang voor het risicomanagement. In het kader van het risicomanagement is het nodig om het netwerk van betrokkene te blijven betrekken bij het traject, onder meer in de vorm van psychoeducatie en omwille van hun hulp bij het hanteren van het signaleringsplan.
(,..)
In maart 2024 is betrokkene uit de FPK uitgestroomd naar FPA Coornhert, onderdeel van [verblijfplaats] . Betrokkene heeft daar de behandeling voortgezet, onder meer de schematherapie en de systeemtherapie. In de loop van haar opname in de FPA heeft de groei zich voortgezet. Vergeleken met het onderzoek door ondergetekende begin 2024 is betrokkene sindsdien, dankzij de behandeling en de groei die zij heeft doorgemaakt, weerbaarder, actiever en opener geworden. Zij is al enige tijd toe aan de volgende stap in haar traject: begeleid wonen en werk of dagbesteding buiten de GGZ. Afwijzingen vanwege haar indexdelict hebben deze stap vertraagd. In januari 2026 is betrokkene uitgestroomd naar [verblijfplaats] een instelling voor begeleid wonen van [verblijfplaats] . Zij wordt ondersteund in het vinden van werk en dagbesteding. Betrokkene bevindt zich aan het begin van haar transmurale resocialisatietraject en heeft daarin nog stappen te maken richting zelfstandig wonen met begeleiding, met een adequate inbedding in de maatschappij. Daar is tijd voor nodig, waardoor er wordt geadviseerd om de maatregel TBS met voorwaarden met twee jaar te verlengen.”(..)
In voornoemd
advies van de reclasseringis onder meer het navolgende gesteld:
(..)Betrokkene volgde vanaf eind juni 2022 een klinische behandeling bij FPK Inforsa en is in maart 2024 doorgestroomd naar FPA Coornhert te Vught. Hier richtte behandeling zich meer op resocialisatie maar volgde ze ook nog diverse therapieën zoals schematherapie, traumabehandeling en systeemtherapie. In januari 2026 werd de klinische behandeling succesvol beëindigd en woont betrokkene sindsdien bij de [verblijfplaats] , een beschermde woonvorm op het terrein van [verblijfplaats] .(..)Betrokkene heeft de afgelopen twee jaar meer ziekte-inzicht verkregen en is medicatietrouw gebleken. Ze is zich ervan doordrongen dat zij vanwege haar schizofrenie altijd een kwetsbaarheid zal houden en hierdoor haar levensstijl aan zal moeten passen. Nu zij recent is verhuisd naar een eigen plek binnen een beschermde woonvorm kan zij laten zien dat zij al het geleerde in de behandeling kan blijven toepassen in een meer vrije omgeving met steeds minder controle en begeleiding.(..)Het risicomanagement richt zich op medicatie, die betrokkene in eigen beheer heeft en trouw inneemt. Daarnaast zijn belangrijke factoren binnen het risicomanagement een gezonde leefstijl, rust en regelmaat vanwege haar beperkte draagkracht door haar schizofrenie, het behouden van abstinentie en toewerken naar werk/opleiding. Beschermende factoren zijn het ziekte-inzicht wat door behandeling is gegroeid, de huidige ambulante behandeling en toezicht en haar sociaal netwerk (familie en vrienden). Betrokkene zal naar verwachting de komende twee jaar nog behandeling en toezicht nodig hebben om te blijven toetsen of zij de geleerde copingvaardigheden kan blijven toepassen bij steeds meer zelfstandigheid en meer eigen verantwoordelijkheden. Betrokkene dient de komende twee jaar nog verder te groeien naar meer zelfstandigheid en autonomie, waarbij zij ook kan laten zien dat zij waar nodig een beroep doet op haar (professionele) netwerk voor hulp.(..)Het risico op recidive wordt, binnen de huidige maatregel, ingeschat als laag. Het risico op letsel wordt, binnen de huidige maatregel, ingeschat als laag. Het risico op onttrekken aan voorwaarden wordt ingeschat als laag.(..)Mocht de tbs maatregel wegvallen en daarmee de forensische behandeling en begeleiding, schatten wij in dat de risico`s kunnen oplopen. Betrokkene is in januari 2026 vanuit de klinische behandeling doorgestroomd naar een beschermde woonvorm met ambulante behandeling. Er is nog onvoldoende lang getoetst of zij het geleerde in de praktijk kan blijven toepassen, ook bij meer uitdagende en stressvolle gebeurtenissen moeten we bezien of betrokkene medicatietrouw blijft en het ziekte-inzicht aanwezig blijft. Voor nu laat zij een stabiel toestandsbeeld zien waarbij zij trouw haar medicatie inneemt, medewerking verleent aan haar resocialisatie en het toezicht en steeds beter haar grenzen kan bewaken. Ook is zij, voor zover wij dit door middel van urinecontroles kunnen vaststellen, vanaf eind december 2024 abstinent gebleven van middelen(..).Betrokkene houdt zich aan de voorwaarden. Waar wij het eerder zorgelijk vonden dat zij met periodes te laat een beroep deed op haar (professionele) netwerk wanneer het niet goed met haar ging, zien wij nu dat betrokkene hierin een groei heeft doorgemaakt. Ze is meer open in contact met zowel de reclassering als haar betrokken hulpverleners.(..)Wij adviseren om detbs
te verlengen met twee jaar.
Hoewel wij binnen de maatregel een lage kans zien op recidive, is betrokkene nog maar kort woonachtig binnen de huidige beschermde woonvorm met ambulante behandeling. Wij verwachten de komende twee jaar nodig te hebben om te toetsen of betrokkene het geleerde in de kliniek kan blijven toepassen binnen de ambulante setting, waarbij zij voor andere uitdagingen zal komen te staan. We vinden het nodig om in deze twee jaar te bezien of zij het ziekte inzicht behoudt en de noodzaak tot het blijven innemen van medicatie. Daarnaast blijft er aandacht voor haar leefstijl waarbij zij, vanwege haar beperkte draagkracht door haar schizofrenie, moet zorgen voor voldoende rust en regelmaat. Dit zijn belangrijke beschermende factoren binnen het risicomanagement Stapsgewijs willen wij toewerken naar meer zelfstandigheid en autonomie. Het vinden van werk of een andere vorm van dagbesteding en dagstructuur zal de komende twee jaar een belangrijk doel blijven. Wij vinden het niet nodig om de voorwaarden aan te passen.”
(..)
In de
slachtofferrapportage van [nabestaande]wordt melding gemaakt van de
behoefte aan (aanvullende) locatieverboden ten aanzien van (1) ’s-Hertogenbosch-
Oost, zijnde de woonlocatie van een andere dochter van het slachtoffer en (2) het graf
van de overleden dochter van het slachtoffer, gelegen te [adres 2] in ’s-Hertogenbosch.
In het kader van het spreekrecht is ter terechtzitting verzocht om deze locatieverboden
aan de bijzondere voorwaarden verbonden aan de terbeschikkingstelling toe te voegen,
met dien verstande dat het hiervoor onder (2) betreffende locatieverbod dient te gelden
voor de maandagen, woensdagen, vrijdagen en zondagen.
Betrokkeneheeft ingestemd met een verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaren. Zij vindt dat zij nog veel stappen te maken heeft en ziet
het belang en de noodzaak van voortzetting van de huidige begeleiding. Zij heeft veel
baat bij de tweewekelijkse gesprekken met het Fact en de reclassering en het dagelijks contact met de begeleiders van de [verblijfplaats] . Zij heeft thans zicht op werk bij een manage.
Zij heeft geen bezwaar tegen het verzochte locatieverbod dat ziet op het kerkhof op de voorgestelde dagen.
De
deskundige mevrouw [naam 1], optredend namens verslavingsreclassering Novadic-Kentron, heeft bij de behandeling gepersisteerd bij de geadviseerde verlenging
van de terbeschikkingstelling met twee jaren. Zij heeft de in het advies beschreven positieve ontwikkelingen bij betrokkene onderschreven.
De
officier van justitieheeft gepersisteerd bij de vordering tot verlenging van de tbs-maatregel met een termijn van twee jaren. De officier van justitie heeft zich verder op
het standpunt gesteld dat de verzochte aanvullende locatieverboden dienen te worden
toegewezen.
De
raadsvrouwvan betrokkene heeft ingestemd met de gevorderde verlenging van de
terbeschikkingstelling met voorwaarden met een termijn van twee jaren alsmede met het verzochte locatieverbod dat ziet op het kerkhof gelegen te [adres 2] in ’s-Hertogenbosch.
De raadsvouw heeft zich uitdrukkelijk verzet tegen het verzochte locatieverbod voor
’s-Hertogenbosch-Oost, omdat dit een veel te ruim gebied betreft waarin ook familie van betrokkene woont en het verzoek daarnaast onvoldoende is onderbouwd.
De
rechtbankverenigt zich met de uitgebrachte adviezen en de gronden waarop die berusten. Gelet op de inhoud van deze adviezen, hetgeen ter terechtzitting door de deskundige in dat verband naar voren is gebracht en gehoord alle overeenstemmende
standpunten, beslist de rechtbank als volgt.
Gezien de artikelen 38d en 38e van het Wetboek van Strafrecht is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de terbeschikkingstelling eist en wel voor een termijn van twee jaren.
Voor wat betreft de in het kader van spreekrecht verzochte en door de officier van justitie onderschreven locatieverboden oordeelt de rechtbank dat het locatieverbod dat ziet op het kerkhof waar de dochter van het slachtoffer ligt begraven zal worden toegewezen voor de verzochte dagen. Dat ligt evenwel anders voor het verzochte locatieverbod voor
’s-Hertogenbosch-Oost. Naar het oordeel van de rechtbank is dit verbod onvoldoende
in ruimte gespecificeerd en ziet het op een dusdanig ruim gebied dat betrokkene in
ernstige mate in haar bewegingsvrijheid zou worden beperkt. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat dit verzoek onvoldoende is onderbouwd. De rechtbank zal dit verzoek dan ook afwijzen.

DE BESLISSING

De rechtbank:

-
verlengtde terbeschikkingstelling met voorwaarden van [verdachte] met een termijn
van twee jaren;
-
wijzigtde bijzondere voorwaarden die bij arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch
van 11 december 2025 aan de terbeschikkingstelling met voorwaarden van betrokkene
zijn verbonden in die zin dat de navolgende bijzondere voorwaarde wordt toegevoegd:
‘Betrokkene bevindt zich op maandagen, woensdagen, vrijdagen en zondagen niet op
of bij begraafplaats [naam begraafplaats] , gelegen te [adres 2] , ’s-Hertogenbosch’;
-
handhaaftde overige voorwaarden die bij arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch
van 11 december 2025 aan de terbeschikkingstelling met voorwaarden van betrokkene
zijn verbonden;
-
wijst afhet verzoek tot een locatieverbod voor ’s-Hertogenbosch-Oost.
Deze beslissing is gegeven door:
mr. M.L.W.M. Viering, voorzitter,
mr. I.M. Rinzema en mr. I.C. Meuris, leden,
in tegenwoordigheid van D.A. Koopmans, griffier,
en is uitgesproken op 25 juni 2026.