Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Land van Cuijk, het college
[naam]uit [woonplaats] (vergunninghoudster).
Samenvatting
Procesverloop
1 mei 2025 op het bezwaar van eiseres is het college bij dat besluit gebleven.
Beoordeling door de rechtbank
Aan het in geding zijnde perceel is de bestemming “Wonen” toegekend, met de functieaanduiding “specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte”.
Omgevingsplanactiviteit “bouwen”
Of voor het bouwen van de bijwoning ook een omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit (ruimtelijke) bouwen nodig is, zal worden besproken in de zaak SHE 25/1316. Aan de bespreking van de beroepsgrond dat het bouwplan niet voldoet aan de bouwregels komt de rechtbank in deze procedure daarom niet meer toe.
3,6 verkeersbewegingen per werkdag. Dit aantal verkeersbewegingen kan niet worden gezien als zodanig hoog dat daarmee onevenredige overlast voor eiseres ontstaat. Van een aparte inrit is verder geen sprake, omdat de toegang tot de bijwoning wordt verschaft door de bestaande inrit. Aan deze inrit wordt een extra parkeerplaats gerealiseerd. Er dient te worden geparkeerd op eigen terrein, zodat van parkeeroverlast niet kan worden gesproken. De vergunning is verleend in overeenstemming met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, aldus het college.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr. I.M.C van Og, griffier.
Informatie over hoger beroep
Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving
a. een omgevingsplanactiviteit;
(…).
2. De regels strekken er in ieder geval toe dat:
a. (…);
b. de omgevingsvergunning ook kan worden verleend met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties,