ECLI:NL:RBOBR:2026:4971
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- F. Kooijman
- J.H.P.G. Wielders
- M.W.M. Bankers
- Rechtspraak.nl
Medeplegen handel in harddrugs met procesafspraken bestraft met gevangenisstraf en taakstraf
De rechtbank Oost-Brabant heeft op 1 juli 2026 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van handel in harddrugs, specifiek cocaïne, in de periode van januari tot juni 2022 te Oss. De zaak is behandeld op basis van procesafspraken tussen verdachte en het Openbaar Ministerie, waarbij verdachte afstand deed van bepaalde verdedigingsrechten en instemde met een strafvoorstel.
De rechtbank heeft de dagvaarding geldig verklaard en de tenlastelegging bewezen verklaard. Verdachte heeft in vereniging met anderen opzettelijk cocaïne verkocht, afgeleverd en verstrekt. Er zijn geen omstandigheden die de strafbaarheid uitsluiten. De rechtbank heeft de strafmaat vastgesteld op basis van de ernst van het feit, het strafmaximum, vergelijkbare zaken en persoonlijke omstandigheden van verdachte.
De opgelegde straf bestaat uit een gevangenisstraf van 180 dagen, waarvan 133 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van één jaar, en een taakstraf van 130 uur, die kan worden vervangen door 65 dagen hechtenis bij niet-naleving. De rechtbank acht deze straf passend en rechtvaardig, waarbij zowel het belang van verdachte als dat van de maatschappij is meegewogen. Het vonnis is gewezen door een meervoudige kamer en is conform de procesafspraken met verdachte en het Openbaar Ministerie.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 180 dagen gevangenisstraf waarvan 133 dagen voorwaardelijk en een taakstraf van 130 uur wegens medeplegen van handel in cocaïne.