Uitspraak
RECHTBANK Oost-Brabant
1.[eiser 1 in HA ZA 23-578] ,
2.
[eiser 2 in HA ZA 23-578],
3.
[eiser 3 in HA ZA 23-578],
4.
B.V. [eiser 4 in HA ZA 23-578] S.Ã.R.L.,
5.
B.V. [eiser 5 in HA ZA 23-578] S.À.R.L.,
6.
B.V. [eiser 6 in HA ZA 23-578] S.À.R.L.,
7.
B.V. [eiser 7 in HA ZA 23-578] S.À.R.L.,
8.
[eiser 8 in HA ZA 23-578] B.V.,
9.
[eiser 9 in HA ZA 23-578] B.V.,
1.De zaken in het kort
2.De procedure in de hoofdzaak
3.De procedure in de vrijwaringszaak I
4.De procedure in de vrijwaringszaak II
5.De feiten in de hoofdzaak en in de vrijwaringszaken
Vervolgens is begonnen met de implementatie van de constructie.
3 maart 2016 heeft de [land] belastingdienst (de Agencia Tributaria ofwel AEAT) op 6 april 2016 na de ontvangst van nadere informatie en bewijsstukken via een officiële goedkeuring (een zgn. ‘resolución’) de Beckham regeling toegewezen ten gunste van de relevante aan de zussen gelieerde entiteit. In de stukken wordt die ‘resolución’ ook wel als certificaat aangeduid.
9 november 2023 en in april 2024 een legal opinion uitgebracht voor BDO-SP .
6.Het geschil in de hoofdzaak
7.Het geschil in de vrijwaringszaak I
8.Het geschil in de vrijwaringszaak II
9.De beoordeling in de hoofdzaak
- [eiser 1 in HA ZA 23-578] en [N] emigreren naar [land]
- [eiser 7 in HA ZA 23-578] B.V. en [eiser 4 in HA ZA 23-578] B.V. zullen Malta als vestigingsland kiezen (zetel van de
Doel is aanmerkelijk belangbelasting te vermijden.
“Wij gaan echt niet werken in [plaats] , anders gaat heel die deal niet door”. Zij heeft ook verklaard dat die opmerking door [E] werd weggelachen en dat hij aangaf dat het allemaal geregeld zou worden. In antwoord op de vraag van de rechtbank of de zussen zich niet afvroegen of dat wel deugde heeft [eiser 1 in HA ZA 23-578] verklaard dat zij zich dat niet afvroeg. Zij heeft verklaard dat de zussen dat ook niet in de gaten hadden omdat door BDO-NL gezegd werd:
“dat zij dat altijd deden met die Beckham-regeling”. Namens de zussen heeft mr. Van Luipen ter zitting verklaard dat BDO-NL wist dat de zussen niet naar [land] zouden verhuizen om daar te gaan werken en BDO-NL daarom juist geadviseerd had dat de zussen op papier (en na geveinsde salarisonderhandelingen) consultancywerk zouden verrichten voor een feitelijk lege vennootschap. Mr. Van Luipen heeft verklaard dat het ook niet aannemelijk zou zijn om na verkoop van de supermarkten in Nederland (vanwege een gebrek aan bedrijfsopvolging) nog eens te gaan werken in de supermarktsector in [land] . Dit argument raakt wel een snaar waartegen BDO-NL niets heeft ingebracht. Zij heeft geen feiten en / of omstandigheden gesteld waaruit blijkt dat de zussen serieuze beweegredenen hadden om in [land] een supermarktketen op te zetten.
“er moeten nu eenmaal ook werknemers zijn bij een actieve vennootschap”,doet vermoeden dat er speciaal voor de gelegenheid functies zijn gecreëerd voor de zussen. BDO-NL heeft niet toegelicht wanneer en door wie is gesproken over de invulling van de arbeidsverhouding en wat er is gezegd om op passende (ondubbelzinnige, onmiskenbare) wijze te waarschuwen dat de invulling noodzakelijk was en dat bij gebreke van een goede invulling ernstige risico’s zouden ontstaan.
€ 10.000,00 en uit een lening bij [eiser 7 in HA ZA 23-578] . Hieruit kan worden afgeleid dat de zussen hun jaarsalaris bij [vennootschap] in feite zelf financieren (althans de vennootschappen controleren die hun salaris funden).
“Certificaat DDZ (11 maart 2015)”. Aangenomen kan worden dat die datum niet juist is. [eisers] hebben gemotiveerd gesteld dat dit 11 maart 2016 moet zijn en dit is door BDO-NL niet of niet gemotiveerd betwist.
“We have finally received the resolutions of the three tax rulings, the answers are positive”.
“At our last meeting in [plaats] we discussed the research report for the assignment and the progress. Where you able to start up the search for some students in [plaats] to carry out the research?”.
‘dat de voorwaarden voor het dupliceren van het businessmodel van [naam 1] niet optimaal zijn. Een vergelijkbare situatie die veel Franse bezoekers aantrekt, waarbij de voorwaarden voor markttoetreding gunstig zijn, is niet te vinden. Vooral voor een supermarkt die niet tot een van de bekende ketens behoort, zou het moeilijk zijn zich te vestigen. Hieruit volgt dat het risico van het businessmodel vrij hoog is en opnieuw moet worden overwogen’.
jegens haartekortgeschoten is en haar zou moeten vrijwaren.