Verzoeker diende een aanvraag in voor inschrijving op een briefadres bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Het college wees deze aanvraag af omdat verzoeker niet duidelijk kon maken waar hij daadwerkelijk verbleef en onvoldoende verifieerbare informatie had verstrekt. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan naar de verblijfsplaats van verzoeker, met name naar zijn verblijf in een park in de gemeente. Het onderzoek was onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd. Verzoeker had bovendien een spoedeisend belang, omdat hij zonder briefadres geen verzekering kon afsluiten, geen uitkering kon aanvragen en geen inschrijving bij de Kamer van Koophandel kon realiseren. Ook had hij medische zorg nodig, wat door een huisartsbrief werd onderbouwd.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het bezwaar van verzoeker een redelijke kans van slagen heeft en dat het belang van verzoeker zwaarder weegt dan het algemeen belang van het college. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen, met als gevolg dat verzoeker per 24 december 2025 moest worden ingeschreven op het briefadres. Tevens werd het betaalde griffierecht en proceskosten aan verzoeker vergoed.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter J.F.C. Veelenturf en griffier drs. J.A. Meijer-Habraken op 3 februari 2026. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.