ECLI:NL:RBOBR:2026:996
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling mate van arbeidsongeschiktheid en toekenning WIA-uitkering
Eiser betwist de door het UWV vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid van 63,80% en vordert een hogere uitkering op grond van de Wet WIA. De procedure loopt al vijf jaar en betreft steeds dezelfde functionele mogelijkhedenlijst (FML) uit 2022.
De rechtbank benoemt een onafhankelijke verzekeringsarts als deskundige, die na uitgebreid onderzoek concludeert dat de FML passend is en geen aanvullende beperkingen noodzakelijk zijn. Eiser verzet zich tegen het rapport en verzoekt om een tweede deskundige, maar dit verzoek wordt afgewezen vanwege de overtuigende motivering van de verzekeringsarts.
De arbeidsdeskundige bevestigt dat de geselecteerde functies geschikt zijn voor eiser, ondanks diens klachten. De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende medische onderbouwing levert voor verdere beperkingen en dat het beroep ongegrond is. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding en het UWV mag het arbeidsongeschiktheidspercentage handhaven.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt dat eiser 63,80% arbeidsongeschikt is en wijst het beroep af.