ECLI:NL:RBONE:2013:BY8868
Rechtbank Oost-Nederland
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- W.F. Bijloo
- Rechtspraak.nl
Toewijzing beroep tegen weigering Verklaring Omtrent Gedrag Rechtspersonen voor metaalhandel
Verzoeksters, twee metaalhandelsondernemingen, vroegen een Verklaring Omtrent Gedrag Rechtspersonen (VOG RP) aan voor registratie op de VIHB-lijst. De minister weigerde deze vanwege justitiële gegevens over bestuurders A en B, waaronder verdenkingen van valsheid in geschrifte, witwassen en deelname aan een misdadige organisatie. Deze verdenkingen waren gebaseerd op een strafrechtelijk onderzoek uit 2009, waarvan de dagvaarding later werd vernietigd en geen nieuw onderzoek plaatsvond.
De rechtbank stelde vast dat in 2010 aan dezelfde bestuurders al een VOG voor natuurlijke personen was verstrekt onder vergelijkbare omstandigheden. De belangen van verzoeksters bij afgifte van de VOG RP, waaronder het voortbestaan van de ondernemingen en het behoud van vijf arbeidsplaatsen, wegen zwaarder dan het objectieve risico voor de samenleving. De minister had de weigering onvoldoende gemotiveerd.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de weigeringen, en bepaalde dat de bestuurders worden aangemerkt alsof zij in het bezit zijn van de gevraagde VOG RP totdat een nieuwe beslissing is genomen. Tevens werden de proceskosten aan de zijde van verzoeksters toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de VOG RP wordt gegrond verklaard en een voorlopige voorziening getroffen waarbij de bestuurders worden aangemerkt als in het bezit van de gevraagde VOG RP.