ECLI:NL:RBONE:2013:BZ1108
Rechtbank Oost-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C.A. Walda
- Rechtspraak.nl
Afwijzing contractuele boete en schadevergoeding wegens niet-nakoming koopovereenkomst boerderij
In deze civiele procedure vordert eiser betaling van een contractuele boete van €254.000 vermeerderd met rente en een schadevergoeding van €75.000 wegens late levering van een boerderij. Gedaagde vordert in reconventie een bedrag van €250 per drie maanden vanaf 22 maart 2005 tot de terugkeer van een bankgarantie.
De rechtbank verwijst naar eerdere vonnissen en arresten tussen partijen waarin het feitencomplex is vastgesteld. Uit getuigenverklaringen blijkt dat het boetebeding bedoeld was als stok achter de deur om nakoming van verplichtingen af te dwingen, maar dat partijen niet hebben beoogd dat betaling van de boete nakoming uitsloot. De rechtbank oordeelt dat eiser niet voldoende bewijs heeft geleverd dat gedaagde de boete verschuldigd is en wijst de vordering af.
Ten aanzien van de schadevergoeding stelt eiser dat hij door de late levering huurinkomsten is misgelopen en kosten heeft gemaakt voor buitengerechtelijke rechtshulp. De rechtbank vindt dat eiser onvoldoende feiten en bewijs heeft geleverd om deze schade aannemelijk te maken en wijst ook deze vordering af.
Omdat de vordering in conventie is afgewezen, komt de reconventionele vordering van gedaagde aan de orde. Eiser heeft hierop nog niet gereageerd, zodat de rechtbank de zaak aanhoudt en verwijst naar de rol voor een conclusie van antwoord. De eindbeslissing in conventie wordt eveneens aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen tot betaling van de contractuele boete en schadevergoeding af en verwijst de zaak door voor verdere behandeling van de reconventionele vordering.