ECLI:NL:RBONE:2013:BZ4988
Rechtbank Oost-Nederland
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot beëindiging vervolging zoon in moordzaak Vis afgewezen
De zoon van het vermoorde echtpaar Vis is door het Openbaar Ministerie (OM) als verdachte aangemerkt in de moordzaak van zijn ouders uit september 2009. Hij verzocht de rechtbank om zijn status als verdachte te beëindigen, omdat de verdenking zwaar op hem rust en zijn maatschappelijke leven ernstig wordt belemmerd.
De rechtbank oordeelde dat ondanks het opheffen van de voorlopige hechtenis, het redelijk vermoeden van schuld nog steeds bestaat. Het OM voert aan dat er nog specialistisch forensisch onderzoek plaatsvindt, dat tijd vergt en waarbij de status van verdachte noodzakelijk is.
Het onderzoek omvatte onder meer DNA-onderzoek en sporenanalyse op kleding en objecten van de slachtoffers. Hoewel de resultaten tot nu toe geen concrete aanwijzingen tegen de zoon opleverden, zijn er nog aanvullende onderzoeken gaande. De rechtbank vindt het maatschappelijk belang bij voortzetting van het onderzoek zwaarder wegen dan het belang van de verdachte bij opheffing van zijn status.
Daarom schorst de rechtbank de beslissing op het verzoek tot beëindiging van de vervolging voor drie maanden, zodat het OM het onderzoek kan voortzetten. De zaak blijft daarmee open en de zoon blijft verdachte zolang het onderzoek loopt.
Uitkomst: De rechtbank schorst de beslissing op het verzoek tot beëindiging van de vervolging voor drie maanden vanwege voortgezet forensisch onderzoek.