ECLI:NL:RBONE:2013:BZ5207
Rechtbank Oost-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding koopovereenkomst registergoed wegens verzuim niet terecht
Rehoboth, een commanditaire vennootschap, en Nieuwenhuis, een projectontwikkelaar, sloten een koopovereenkomst voor registergoederen te Voorthuizen met aanvullende afspraken over termijnen en huur van opstallen. Nieuwenhuis ontbond de overeenkomst bij brief van 16 juni 2011 wegens vermeend verzuim van Rehoboth, met name omdat een uitgewerkte koopovereenkomst niet binnen een gestelde termijn tot stand was gekomen.
Rehoboth betwistte de ontbinding en stelde dat de termijn van veertien dagen in artikel 3 van Pro de overeenkomst geen fatale termijn was en dat zij niet in verzuim was. De rechtbank onderzocht de bedoeling van partijen aan de hand van de Haviltex-norm en concludeerde dat de termijn een streeftermijn was zonder directe verzuimsgevolgen. Nieuwenhuis had Rehoboth niet in gebreke gesteld, waardoor geen verzuim bestond.
De rechtbank oordeelde dat de ontbinding door Nieuwenhuis niet terecht was en dat Rehoboth gerechtigd was de overeenkomst zelf te ontbinden. De rechtbank wees toe dat Nieuwenhuis aansprakelijk is voor de door Rehoboth geleden schade wegens ontbinding, maar stelde vast dat Rehoboth de omvang van haar schade nog moet bewijzen. De verdere procedure werd aangehouden voor bewijslevering en getuigenverhoren.
Uitkomst: De ontbinding van de koopovereenkomst door Nieuwenhuis was niet terecht; Rehoboth kan schadevergoeding vorderen na bewijslevering.