ECLI:NL:RBONE:2013:BZ6686
Rechtbank Oost-Nederland
- Wraking
- G.J. Stoové
- G. van Eerden
- M.M. Verhoeven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen voorzieningenrechter wegens vermeende partijdigheid
In een civiele procedure bij de rechtbank Oost-Nederland te Almelo diende een verzoek tot wraking van mr. H.W.H. Oude Aarninkhof, voorzieningenrechter in de zaak tussen mevrouw eiseres en verzoeker. Verzoeker betoogde dat de rechter partijdig zou zijn vanwege de wijze waarop een bevoegdheidsincident werd behandeld en het ontbreken van een schriftelijke beslissing voorafgaand aan de zitting.
De wrakingskamer overwoog dat vanaf het moment van toewijzing van een zaak aan een rechter deze als behandelend rechter geldt en dus gewraakt kan worden. De kamer benadrukte dat onpartijdigheid wordt vermoed, tenzij er concrete feiten zijn die een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid rechtvaardigen.
De kamer concludeerde dat de rechter geen uitspraak had gedaan over de bevoegdheid voorafgaand aan de zitting en dat mededelingen van de griffie niet aan de rechter konden worden toegerekend. Er waren geen feiten die objectief een vrees voor partijdigheid rechtvaardigden.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en bleef mr. Oude Aarninkhof als voorzieningenrechter belast met de zaak. De beschikking werd op 28 maart 2013 in het openbaar uitgesproken door de wrakingskamer van de rechtbank Oost-Nederland.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen mr. Oude Aarninkhof wordt afgewezen wegens het ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.