Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2013:1187

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
1 juli 2013
Publicatiedatum
2 juli 2013
Zaaknummer
13/1334
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 13b Opiumwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tijdelijke sluiting coffeeshop wegens overtreding gedoogvoorwaarden

Verzoekster exploiteert een coffeeshop te Steenwijk onder de naam Coffeeshop Alien en heeft een gedoogverklaring ontvangen met voorwaarden waaronder zij softdrugs mag verkopen. Op 30 januari 2013 kreeg zij een waarschuwing wegens het niet naleven van openingstijden. Op 1 mei 2013 constateerde de burgemeester dat de achterdeur van de coffeeshop openstond en dat personen deze gebruikten om buiten pauze te houden, wat in strijd is met voorwaarde 3 van de gedoogverklaring die bepaalt dat de achterdeur alleen als nooduitgang mag worden gebruikt.

De burgemeester legde op grond van artikel 13b van de Opiumwet en het gemeentelijk coffeeshopbeleid, dat handhaving regelt, een tijdelijke sluiting van één maand op. De rechtbank oordeelt dat het gebruik van de achterdeur als pauzeplaats inderdaad een overtreding is van de gedoogvoorwaarden en dat de burgemeester bevoegd was tot handhaving. De opgelegde sluiting is niet onevenredig gelet op het beleid en de belangen van derden.

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en bevestigt daarmee de tijdelijke sluiting. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de tijdelijke sluiting van één maand blijft gehandhaafd.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Bestuursrecht
Zittingsplaats Zwolle
Registratienummer : Awb 13/1334
Bestreden besluit : 17 juni 2013
Datum zitting : 28 juni 2013
Proces-verbaal van de op de zitting door de voorzieningenrechter gedane mondelinge uitspraak in de zaak tussen:

[verzoeker],

wonende te Steenwijkerwold, verzoekster,
gemachtigde: mr. G.A. de Boer,
en
de burgemeester van Steenwijkerland,verweerder,
alsmede

[derde belanghebbende] derde partij,

gemachtigde: mr. F. Postma.
Na sluiting van het onderzoek ter zitting doet de rechtbank onmiddellijk mondeling uitspraak.13/1334

Beslissing

De voorzieningenrechter
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Overwegingen

1.
Verzoekster exploiteert een coffeeshop onder de naam Coffeeshop Alien op het perceel Gasthuisstraat 11 te Steenwijk. Op 12 november 2012 heeft verweerder aan verzoekster een gedoogverklaring afgegeven voor de verkoop van softdrugs vanuit deze coffeeshop.
Aan de gedoogverklaring zijn voorwaarden verbonden.
2.
Ingevolge artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet is de burgemeester bevoegd tot toepassing van bestuursdwang indien in woningen of lokalen en dan wel in of op bij woningen of zodanige lokalen behorende erven een middel als bedoeld in lijst I of II wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is.
In het Coffeeshopbeleid gemeente Steenwijkerland 2012 (het beleid) heeft verweerder de vestiging van coffeeshops geregeld. Hierin is bepaald dat in de gemeente Steenwijkerland één coffeeshop mag zijn. Het beleid bevat regels over de eisen waaraan de coffeeshop dient te voldoen. Ook regelt het beleid in welke gevallen handhavend wordt opgetreden en door wie. Bij de beleidsnota behoort een zogenaamde handhavingsmatrix. Hierin worden verschillende soorten overtredingen onderscheiden: overlast1, overtreding overige voorwaarden, overtreding AG-criteria en overtreding HJ-criteria.
Bij een eerste overtreding van de overige voorwaarden volgt een waarschuwing. Een tweede overtreding binnen een jaar levert tijdelijke sluiting van 1 maand op.
4.
Op 30 januari 2013 heeft verweerder verzoekster een waarschuwing gegeven in verband met het niet naleven van de voor de coffeeshop geldende openingstijden.
Op 1 mei 2013 heeft verweerder geconstateerd dat de achterdeur van de coffeeshop van ca. 16.00 tot 17.30 uur openstond. Waargenomen is dat om 16.10 uur een persoon naar buiten kwam, op een meegebrachte stoel ging zitten en om 16.25 uur weer naar binnen ging. Om 16.55 uur deed een andere persoon hetzelfde. Deze ging rond 16.58 weer naar binnen.
Verweerder stelt dat sprake is van overtreding van een aan de gedoogbeschikking verbonden voorwaarde.
Het gaat om voorwaarde 3: de toegang tot de coffeeshop is gesitueerd aan de voorzijde van de gasthuisstraat 11. De uitgang aan de achterzijde mag alleen in noodgevallen worden gebruikt als nooduitgang/vluchtdeur.
Van belang is ook dat in voorwaarde 4 staat dat de achtertuin van het pand Gasthuisstraat 11 uitsluitend te gebruiken is voor privédoeleinden door de bewoners van het pand.
5.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat uit voorwaarde 3 volgt dat de achterdeur alleen in geval van nood mag worden gebruikt. Het openen van de achterdeur voor het houden van een pauze, zoals dat door een toezichthouder op 1 mei 2013 is geconstateerd, is dan ook niet toegelaten. De voorzieningenrechter is van oordeel dat verzoekster heeft gehandeld in strijd met voorwaarde 3 van de gedoogverklaring. Verweerder is dan ook bevoegd handhavend op te treden.
Gelet op het bepaalde in de handhavingsmatrix heeft verweerder kunnen overgaan tot het opleggen van een tijdelijke sluiting van de coffeeshop gedurende 1 maand.
De voorzieningenrechter acht een sluitingsduur van 1 maand, mede gelet op het bepaalde in het beleid en de belangen van de derde partij en andere omwonenden, niet onevenredig.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal dat door mr. A. Oosterveld, voorzieningenrechter, en mr. P.A.M. Spreuwenberg als griffier, is ondertekend.
Afschrift verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.