ECLI:NL:RBOVE:2013:1798

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
13 augustus 2013
Publicatiedatum
15 augustus 2013
Zaaknummer
140791 KG ZA 13-239
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
  • W.K.F. Hangelbroek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:213 BWArt. 557 RvArt. 444 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontruiming woning wegens aantreffen professionele hennepkwekerij

De Woonplaats vordert in kort geding de ontruiming van een woning die zij verhuurt aan [naam], nadat op 26 juni 2013 door de politie een professionele hennepkwekerij in de woning werd aangetroffen. De huurder is niet verschenen, en verstek is verleend.

De voorzieningenrechter stelt vast dat de huurder tekort is geschoten in haar verplichtingen uit de huurovereenkomst door het in stand houden van de hennepkwekerij, hetgeen in strijd is met goed huurderschap zoals bedoeld in artikel 7:213 BW Pro. De spoedeisendheid van de vordering is voldoende aannemelijk gemaakt, waardoor de bodemprocedure niet kan worden afgewacht.

De rechtbank veroordeelt de huurder om binnen veertien dagen de woning te verlaten en te ontruimen en machtigt de verhuurder om de ontruiming zelf te effectueren, eventueel met politieondersteuning. Tevens wordt de huurder veroordeeld in de proceskosten, waarbij een deel van het griffierecht ten laste van de verhuurder komt vanwege de onnodige keuze voor deze procedure.

Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen veertien dagen en de verhuurder wordt gemachtigd de ontruiming zelf te effectueren.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer : 140791 KG ZA 13-239
Uitspraak : 13 augustus 2013 (j)
Vonnis in kort geding in de zaak van:
stichting
Woningstichting De Woonplaats
gevestigd en kantoorhoudende te Enschede
eisende partij
hierna te noemen: De Woonplaats
advocaat: mr. R.J. Leijssen te Enschede
tegen
mevrouw
[naam]
wonende te [woonplaats]
gedaagde partij
hierna te noemen: [naam]
niet verschenen

1.De procedure

1.1
De Woonplaats partij heeft gesteld en gevorderd als staat vermeld in de dagvaarding van 15 juli 2013.
1.2
De zaak is behandeld ter terechtzitting van 13 augustus 2013. De Woonplaats heeft haar standpunt doen toelichten door haar advocaat.
1.3
Tegen de niet verschenen gedaagde is verstek verleend.
1.4
Het vonnis is bepaald op heden.

2.De feiten, het geschil en de motivering van de beslissing

2.1
Bij de beoordeling van dit geschil wordt uitgegaan van de navolgende feiten. Deze worden als vaststaand beschouwd omdat zij door een van partijen zijn gesteld en door de andere partij onvoldoende of niet zijn betwist of zijn erkend.
2.2
Tussen De Woonplaats als verhuurster en [naam] als huurster bestaat een huurovereenkomst met betrekking tot de woning aan de [adres].
2.3
De Woonplaats vordert, kort weergegeven:
I. veroordeling van [naam] om met al het hare en de haren binnen veertien dagen na de dag van betekening van het te wijzen vonnis het gehuurde te verlaten en te ontruimen,
II. met machtiging aan De Woonplaats deze ontruiming zelf te bewerken met behulp van de sterke arm van politie en justitie;
III [naam] te veroordelen in de kosten rechtens.
2.4
De Woonplaats stelt daartoe, kort samengevat, het volgende. In de woning van [naam] is door de politie op 26 juni 2013 een professionele hennepkwekerij aangetroffen. [naam] is tekortgeschoten in haar verplichtingen uit de huurovereenkomst door in de woning een hennepkwekerij te hebben.
2.5
De voorzieningenrechter overweegt dat De Woonplaats voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij een spoedeisend belang heeft bij een voorlopige voorziening als gevorderd en dat de uitkomst van de bodemprocedure niet kan worden afgewacht.
2.6
De voorzieningenrechter is van oordeel dat [naam] dusdanig in strijd met het goed huurderschap als bedoeld in artikel 7: 213 BW heeft gehandeld dat dit de gevorderde ontruiming rechtvaardigt. In de woning was een hennepkwekerij aanwezig. De voorzieningenrechter machtigt De Woonplaats om de ontruiming zelf ten uitvoer te leggen als gedaagde nalatig is daaraan vrijwillig te voldoen. De gevorderde assistentie door de sterke arm van politie en justitie bij executie van de rechterlijke uitspraak zal worden afgewezen als zijnde overbodig aangezien de deurwaarder op grond van de artikelen 557 juncto 444 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) een binnentredingsrecht heeft en zich zo nodig kan laten bijstaan door de politie.
2.7
[naam] dient als de meest in het ongelijk gestelde partij te worden veroordeeld in de proceskosten. Daarbij wordt overwogen dat niet duidelijk is waarom De Woonplaats de vordering heeft aangebracht bij de voorzieningenrechter van deze rechtbank en niet bij de kantonrechter te Enschede. Deze zou in deze zaak immers ook bevoegd zijn en een gelijke voorziening kunnen treffen. Door de handelwijze van De Woonplaats moet [naam], als de in het ongelijk gestelde partij, € 589,00 aan griffierecht betalen, terwijl dit bij de kantonrechter slechts € 112,00 is. Ook het salaris gemachtigde is in civiele procedures veel hoger. In dat licht bezien is het onjuist de nadelige gevolg van de keuze van De Woonplaats op [naam] af te wentelen en is het billijk een gedeelte van het griffierecht als nodeloos veroorzaakt voor rekening van De Woonplaats te laten.

3.De beslissing in kort geding

3.1
veroordeelt [naam], met het hare en de haren, om binnen 14 dagen na de dag van betekening van dit vonnis het gehuurde te verlaten en te ontruimen;
3.2
machtigt De Woonplaats om, bij gebreke van volledige voldoening hieraan, deze ontruiming zelf te bewerken;
3.3
veroordeelt [naam] in de kosten van deze procedure tot op heden aan de zijde van De Woonplaats begroot op € 588,71 waaronder € 400,00 wegens het salaris van de gemachtigde;
3.4
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.5
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. W.K.F. Hangelbroek, voorzieningenrechter, en op 13 augustus 2013 in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.