Uitspraak
Rechtbank Overijssel
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De vordering van de officier van justitie
4.De voorvragen
5.De beoordeling van het bewijs
- de onafhankelijkheid, de onpartijdigheid en de specifieke deskundigheid van de adviseur;
- de complexiteit van de materie waarover advies wordt ingewonnen;
- de precieze inhoud van het advies.
De rechtbank is van oordeel dat hetgeen is aangevoerd onvoldoende is voor een doeltreffend beroep op de aanwezigheid van een pleitbaar standpunt. De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat in de verklaring van advocaat [advocaat], zoals die door de verdediging is overgelegd, slechts enkele algemene conclusies zijn verwoord, die bovendien niet rechtstreeks betrekking hebben op de vraag of de aan [medeverdachte] als bestuurder van verdachte verweten gedragingen wederrechtelijk waren.
6.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
7.De strafbaarheid van de verdachte
8.De op te leggen straf of maatregel
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;
- verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt haar daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het volgende strafbare feit oplevert:
- verklaart verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;
medeverdachte [medeverdachte]ter terechtzitting van 2 december 2016 heeft afgelegd, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
medeverdachte [medeverdachte], zakelijk weergegeven:
medeverdachte [medeverdachte], zakelijk weergegeven:
[getuige 2], zakelijk weergegeven:
[getuige 1], zakelijk weergegeven: