Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2013:4671

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
12 juni 2013
Publicatiedatum
29 juli 2014
Zaaknummer
646821 WM 13-222
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • H.H.J. Harmeijer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
artikel 1 Besluit proceskosten bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen afwijzing verzoek onkostenvergoeding door officier van justitie

Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie te Utrecht om het verzoek om kostenvergoeding af te wijzen. Het beroep is tijdig ingediend en ontvankelijk verklaard. De kantonrechter overweegt dat de officier van justitie op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht kan worden veroordeeld tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand die door een derde beroepsmatig is verleend.

De procedure betreft een Mulder-zaak waarbij het administratief beroep en het verzoek om stukken als rechtsbijstand worden aangemerkt, wat resulteert in een puntentoekenning volgens Bijlage A1 van het besluit. Met een wegingsfactor van 0,5, zoals gehanteerd door het hof in Leeuwarden, leidt dit tot een vergoeding van €236.

Omdat de inhoudelijke procedure door een gegrondverklaring van de officier van justitie is geëindigd, wordt het indienen van het beroepschrift tegen de afwijzing van de proceskostenvergoeding niet als een aparte procedure gezien. De kantonrechter veroordeelt de officier van justitie tot betaling van de kosten rechtsbijstand aan de gemachtigde van betrokkene.

Uitkomst: De officier van justitie wordt veroordeeld tot vergoeding van kosten rechtsbijstand van €236.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Afdeling Strafrecht – locatie Zwolle, Mulder-zaken
Zaaknummer : 646821 WM 13-222
CJIB-nummer : 1 6230 3808
CVOM-nummer : W71711
Uitspraakdatum : woensdag 12 juni 2013
Betrokkene,
[betrokkene],
gemachtigde: BoeteService.NL,
t.a.v. dhr. J.L. van Heest,
[adres],
[woonplaats],
heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie te Utrecht in de zaak met bovenvermeld CJIB-nummer het verzoek om kostenvergoeding af te wijzen. Inhoudelijk is het administratief beroep bij de officier van justitie afgedaan. Het beroepschrift is behandeld op de zitting van vrijdag 5 april 2013.
De officier van justitie heeft het verzoek afgewezen bij beslissing van 4 december 2012. Het beroepschrift is binnen de wettelijke termijn van 6 weken ingezonden, namelijk op 15 januari 2013. Betrokkene is ontvankelijk in zijn beroep.
De kantonrechter overweegt op grond van de stukken in het dossier dat de officier van justitie kan worden veroordeeld tot het vergoeding van de kosten van betrokkene in het kader van het Besluit proceskosten bestuursrecht op basis van artikel 1, aanhef en onder a. van genoemd besluit: kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
In dat kader zal de kantonrechter het op 23 juni 2012 ingediende administratief beroep bij officier van justitie en het verzoek om stukken van dezelfde datum aanmerken als verleende rechtsbijstand aan de heer [betrokkene]. Overeenkomstig Bijlage A1. van het besluit levert dat 1 punt op. In overeenstemming met het hof in Leeuwarden wordt voor deze Mulderzaak de wegingsfactor van 0,5 gehanteerd. Omdat de inhoudelijke procedure door een gegrondverklaring van de officier van justitie is geëindigd, ziet de kantonrechter het indienen van het beroepschrift tegen het besluit afwijzing proceskostenvergoeding niet als zodanig.
Beslissing
De kantonrechter veroordeelt de officier van justitie tot
vergoedingvan de kosten rechtsbijstand aan gemachtigde Van Heest tot een bedrag van
€ 236,-.
Gegeven door mr. H.H.J. Harmeijer, kantonrechter, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 10 juni 2013 in tegenwoordigheid van P.A. Feenstra als griffier.
Datum toezending beschikking: