Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de dagvaarding
- de producties 1 tot en met 23 van Ultimum
- de producties 1 tot en met 8 van Routz c.s.
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van Ultimum
- de pleitnota van Routz.
2.De feiten
Artikel 10 - Non-concurrentiebeding
3.Het geschil
4.De beoordeling
1van de raamovereenkomst zich expliciet uitstrekt over Routz “en/of aan haar gelieerde rechtspersonen”, zodat aangenomen kan worden dat bij de totstandkoming van de overeenkomst de mogelijkheid van zich laten uitstrekken van een verbod over andere rechtspersonen dan de contractspartij blijkbaar welbewust onder ogen is gezien;
Nu de uitingen van Routz c.s. op de website hiermee in overeenstemming zijn en een en ander voorts juist is weergegeven in de registers van de Kamer van Koophandel valt niet zonder nadere toelichting - welke toelichting door Ultimum niet is gegeven - in te zien op welke wijze dit handelsnaamgebruik jegens Ultimum als onrechtmatige verwarring zou moeten worden gekwalificeerd.
904,00